Over de helft…

Terwijl ik mijn spullen inpakte voor een driedaagse richting Limburgse hoven, viel mijn blik op mijn begijnhovenreisgidsje: de hoven overlopende, besefte ik plots ‘over de helft’ te zijn! Van de 25 hoven in Vlaanderen, waren er nog een zestal te gaan plus nog een reis naar Nederland om het begijnenerfgoed in Breda en Amsterdam te ontdekken. Ik bleef me verwonderen over het keerpunt in mijn leven dat deze zoektocht inhield. En toch…

hildegard

Op de één of andere manier voelde ik dat er ‘iets’ ontbrak… hier was het weer, ‘iets’,… zo startte ooit deze queeste. Nu maakte dat gevoel zich heel snel kenbaar: ‘Ik wil ook naar Duitsland, het klooster van Hildegard bezoeken!‘ Sinds het bezoek aan het eerste begijnhof, had ik het boek over Hildegard von Bingen in handen gekregen en had het mij een aantal inzichten bijgebracht.

Zij maakte deel uit van mijn zoeken naar Herstory, dus een bezoek was op haar plaats. Een vraag aan mijn queestevriend en een paar mails aan de abdij later lag alles vast: binnenkort volgde er nog een extra tripje richting Rudesheim! Mijn gevoel zei volmondig ‘Yes!‘.

© Debby Van Linden

De vrouwen van Diest…

Op weg naar Diest, ebde de ontdekking van de vorige dag nog na: ik merkte een zekere rust in mezelf, het ‘vinden’ van Maria gaf me een het begin van een religieus, vrouwelijk erf-goed, een grond waarin ik kon wortelen, een band met mijn voormoeders. Tegelijkertijd wilde ik ‘meer’: meer weten, meer ontdekken!

Diestpoort

Langs de omwalling van het begijnhof wandelden we de toegangspoort tegemoet: ‘Wauw, wat een monument!’ was mijn gedachte terwijl ik ze in mij opnam. Nieuwgierig wandelde ik het begijnenstadje binnen…

P1050592

Aan de linkerkant merkte ik de kerk op, spijtig genoeg was er geen mogelijkheid deze te bezoeken vanwege restauratiewerken. Rustig verder stappende, merkte ik een groep beelden op die me onmiddellijk aanspraken. Iets in me wilde dichter bij de beelden komen, ertussen gaan staan, er deel van uitmaken, doch de omheining was onverbiddellijk: ‘neen!’ Zo goed als kon, probeerde ik de twee begijnen die me het meest aanspraken, vast te leggen. De doorgegeven bezieling van de wijze, oudere vrouw naar haar jongere zuster vond ik ontroerend.

foto door Geert de Brabander

foto door Geert de Brabander (met toestemming overgenomen)

Vol van dit moment, verkende ik de straten van het hof: alhoewel de huizen, conventen en kasseien hun verhaal vertelden, mistte ik ook hier beslotenheid en intimiteit, bezieling, een uitgedragen erfgoed.

P1050567

P1050569

Terugwandelende langs de Vestenstraat, viel me de aanwezigheid van een aantal kapelletjes op. Eén stak er voor mij bovenuit: zo had ik Maria nog nooit afgebeeld gezien: de sterren rondom haar, haar hoofd zijwaarts gericht… ‘Mater dolorosa’ stond onder haar beeltenis gegraveerd. Ik nam deze woorden mee naar huis… en nam daar de gelijkenis tussen het beeld en de boekkaft van ‘Untie the strong woman’* van Clarissa P. Estés waar: de tijd was gekomen, na de puur intuïtieve aanschaf ervan enkele maanden geleden, om hierin te beginnen…

untiethestrondwoman

Het goddellijk vrouwelijke openbaarde zich pagina na pagina met de woorden ‘de heilige Moeder is een poort‘…

* De titel ‘Untie the strong woman’ werd voor de Nederlandse versie vertaald als ‘De kracht van de ongebonden vrouw’, een bewoording die, naar mijn mening, niet de lading dekt qua inhoud.

© Debby Van Linden

Doorheen de mist: thuiskomen bij Maria (2)*

Na ongeveer anderhalf uur film kijken, drukte ik op de pauzeknop en uitte mijn wanhoop tegen mijn queestevriend: ‘Wat heeft nu het opgroeien van Morgaine en Arthur plus nog wat oorlogen te maken met Maria? En dan die evenwichtsoefening tussen die volkeren en hun religie, waarom? En dan dat gedoe om een zoon te krijgen? Ik snap er niks van!‘ Met een zucht verwenste ik mijn vraagtekens naar de maan.

morgaine

We besloten de film uit te kijken ‘gewoon om het einde te weten’. Half versuft aanschouwde ik het vervolg: nog meer intriges, machtsspelletjes en oorlogsgeweld volgde.

Bij het laatste fragment schoot ik wakker, de rillingen liepen over mijn rug: ik zag een aantal vrouwen het weesgegroet tot een omgevormd Mariabeeld bidden en hoorde ‘… toen besefte ik dat de Godin overleefde, ze werd niet vernietigd, wel had ze een andere vorm aangenomen en misschien zal ze in de toekomst teruggebracht worden, net zoals wij ze kenden…‘. Als verstomd staarde ik naar het scherm. In de stilte van dat ogenblik vielen een aantal puzzelstukken op haar plaats: nu ik het einde wist, begreep ik het gevecht tussen de twee religies; tegelijkertijd realiseerde ik me dat de voorchristelijke culturen het vrouwelijk goddellijke op een andere manier eerden en vele gebruiken zijn overgenomen geweest, dat de vrouw ooit de centrale, scheppende figuur was… God werd ooit als vrouw aanbeden! ‘Aha! Daarom zeggen we ‘Moeder Natuur’ en ‘Moeder Aarde’!’ schoot me te binnen.

Tienduizend gedachten en plannen dwarrelden door mijn hoofd (‘het vrouwelijk goddellijke in culturen gaan doorgronden’, ‘de symbolen van Maria uitpluizen’, ‘de Keltische feestdagen opzoeken’,…). Terwijl mijn hersenen overuren maakten, ervaarde ik een diep gevoel van ‘thuiskomen’, deze keer geen begijnhofpoort die ik binnenstapte, wel een innerlijke poort van (h)erkenning die zich opende en die me welkom heette na een lange, lange tijd van zoeken en rondzwerven…

Ik was thuisgekomen bij Maria, de Grote Moeder… ‘it chilled my soul’.

* Met dit blogstukje wens ik hart-elijk ‘Dank u wel!’ te zeggen aan de vrouw die me op het de DVD en het boek van Laurie Cabot gaf. Met deze ervaring besefte ik de kracht van ‘voeding’ en ‘zorg’ van vrouw(en)-tot-vrouw(en): het gezond, warm en zielsnoodzakelijk ondersteunen van elkaar.

© Debby Van Linden

Doorheen ‘de mist’: thuiskomen bij Maria (1)

Uitkijkende naar het komende bezoek aan het Diestse begijnhof, merkte ik met de steeds terugkerende vraag ‘Wat is nu de betekenis van mijn band met Maria?’ te zitten.

mariaBradiBarth

Sinds haar te ontdekken en mijn ont-moet-ing met haar op het begijnhof van Turnhout, was ze nog een paar keer opgedoken op een aantal hoven (o.a. in KortrijkDendermonde en Oudenaarde) en telkens voelde ik dichter bij haar te komen. Ik merkte dat ik nu dicht genoeg was, doch geraakte geen stap verder in het vinden van hetgeen ze me wilde zeggen. Mijn ongeduld werd frustratie, mijn frustratie werd kwaadheid. Staande voor mijn prikbord wierp ik op een gegeven moment mijn handen in de lucht en uitte ‘Verdorie, wat wilt ge mij nu eigelijk zeggen? Kom dan met je verhaal!‘ Alhoewel dit opluchtte, had ik het gevoel in circels te draaien…

Een paar dagen later uitte ik dezelfde vraag en het bijhorend gevoel bij iemand die ik heel recent op mijn queeste had leren kennen. ‘Ken je het verhaal van Merlijn en koning Arthur?‘ vroeg ze. ‘Euh, ja,… wel, de Disneyklassieker ‘Merlijn, de tovenaar’ met dat jongetje en het zwaard in de steen.’ Ik herinnerde me de film in mijn kindertijd een paar keer gezien te hebben.

Even later kreeg ik een DVD met de titel ‘The mists of Avalon’ en een boek van Laurie Cabot voor mijn neus geschoven. ‘Kijk, dit is het verhaal van Arthur, doch vanuit het perspectief van de vrouwen.‘ ‘Huh? Werkelijk? Een verhaal vanuit vrouwenperspectief?’ zei mijn verstand, ‘En welk verband is er dan tussen Maria en Arthur?’, doch mijn gevoel zei ‘Kijken! Lezen!’.

mofavalondvd2

Op weg naar mijn queestevriend, probeerde ik alle nieuwe informatie tijdens het gesprek te plaatsen: ‘The mists of Avalon’, ‘Keltische feesten’, ‘dagen met dikke ochtendmist’, ‘christenen’,… ik kon ze niet met elkaar in verband brengen. Ik talmde geen ogenblik: ik wilde die avond, koste wat het kost, de DVD zien…

© Debby Van Linden

Brugge: woordenloos ogen-blik

Rond het middaguur wandelden wij het begijnhof van Brugge binnen*. Na de pastorie en de prachtige poort in me opgenomen te hebben, nam ik de tijd om het museum te ontdekken (‘begijnenhuisje’). Ik nam de tijd elke schilderij, elke kamer en elk aandenken grondig te bestuderen. De non aan het onthaal merkte mijn begeestering op en vroeg naar mijn interesse. ‘Dit bezoek maakt deel uit van een persoonlijke queeste.’ antwoordde ik vriendelijk terug en toonde haar mijn begijnhovengidsje. Na het bezoek van het begijnenhuisje, besloot ik een kaartje van het hof mee te nemen. Net na het afrekenen, bij het buitengaan, duwde de non iets in mijn handen. Ik keek haar verbaasd aan, doch kon in dat ene korte, mooie, hartelijke en bezielde ogen-blik haar boodschap aan mij verstaan: ‘Geen woorden nodig, neem dit mee, dit is voor jou.’

P1030866

Verbouwereerd bleef ik buiten staan en doorbladerde het boekje: het bleek een korte geschiedschrijving van het begijnhof te zijn, in elkaar gestoken door pastoor Hoornaert**.

P1030867

De rest van mijn bezoek heb ik genoten van het aanschouwen van de vele begijnenhuizen, het groothuis, de stilte in de kerk en het pittoreske zicht over het plein. De stilte en de taal van het ruisen van de wind in de bomen liet ik tot mij komen in honderdenéén woorden en innerlijke zieleroerselen. Ik besefte op een dieper niveau: ‘Iets goddelijk is als de wind: we kunnen de wind niet zien, wel de gevolgen ervan horen in het ruisen van de bladeren; wel de beweging van de bladeren zien, de wind voelen als deze onze huid aanraakt, maar nooit de wind zien. ‘

* Om ten volle van de stilte van het Brugse begijnhof te genieten: ga ofwel vroeg ‘s morgens, of rond het middaguur of ‘s avonds, voor sluitingstijd. Spijtig en frusterend genoeg eerbiedigen vele bezoekers/toeristen de bordjes met vraag tot stilte niet.

** In het volgende stukje meer over de rol die deze speelde in de geschiedenis van het Brugse begijnhof.

Ontembaar…(1)

Als cadeautje voor mezelf besloot ik de cursus ‘De ontembare vrouw’ te volgen.  De omschrijvende woorden van de cursus ‘archetypen die vrouwen moed geven’, ‘psychologieparel voor vrouwen’ en ‘met creatieve middelen’ spraken mij onmiddellijk aan.

In een toffe groep kon ik een hele week mezelf voeden met verhalen, andere meningen, tekenen, boetseren, ruimte nemen, laten gebeuren,.. In het midden van de week was mijn begeestering zo groot dat ik het boek, waarop de cursiste zich baseerde, ging zoeken in de boekhandel.

ontembarevrouwuntiethestrondwoman

Net voor ik naar het boek greep, viel mijn oog op haar vervolgboek ‘De kracht van de ongebonden vrouw’. De titel zei me niets, de afbeelding op het boek des te meer. Ik begon te twijfelen en besloot het boek willekeurig open te slaan… ‘brief aan jonge mystici’ las ik…  een gevoel van ‘dit wéét ik’ kwam op. Net als het ‘Maria’-kaartje, kocht ik iets dat op basis van een dieper weten, iets dat mijn verstand te boven ging en me met vraagtekens liet rondlopen…

Lier (1): Timmermans, Symforosa en hemdsmouwen

Via een oproep op Lets voor meer info over begijnhoven, kwam het boekje ‘De zeer schone uren van juffrouw Symforosa, begijntjen’ in mijn handen terecht. Dit prachtige boekje over verliefdheid en loslaten, verweven met enkele pittoreske elementen die verwijzen naar het Liers begijnhof en het leven van begijn Symforosa, las ik in één ruk uit. Het samengaan van de seizoenen en het rouwproces van Symforosa wordt heel mooi verwoord door Timmermans. Nieuwsgierig gemaakt door het gelezene stapten wij richting Lier centrum. Ons plan was eerst de toeristische dienst binnen te gaan om de geplande gidswandeling van de volgende dag te gaan bevestigen.

Bij het zien een kapel vlak naast de dienst Toerisme, bleef ik echter staan en keek mijn reisgenoot aan. Die wist onmiddellijk wat dat wilde zeggen: ‘Eerst hier eens binnengaan.’

P1030669

De kapel fascineerde mij vooral door de Sint-Jacobsschelp die bij de ingang hing. Binnen heerste een stilte, een stilte die ik niet kon vatten en niet voor mij bestemd was en tegelijkertijd ‘wist’ ik dat er toch een reden was waarom ik hier voelde te moeten zijn.

Even later draaiden we de deur open van de dienst Toerisme. Na het regelen van de praktische kant van de geboekte wandeling, polsten we naar de bekendheid van het begijnhof. Deze enthousiaste, energieke dame achter de balie vernam dat ons bezoek in het teken stond van een queeste en toonde ons haar sprankelende begeestering voor het hof. Monique begon boeiend te vertellen over haar eigen ontmoeting met een grootjuffrouw, vervolgens gaf ze mij info over het begijnhof en wees ze ons erop dat in Noord-Frankrijk ook nog restanten van hoven te vinden zijn. De daad bij woord voegende, liet ze een aantal gegevens hierover uit de printer rollen. Voor mij viel er iets op zijn plaats toen ze vertelde dat de Sint-Jacobskapel een ‘stempelplaats’ was voor wandelaars van de Compostela-route. Ik vroeg intuïtief om zo’n stempel neer te posten in mijn boekje.

Aan ons gesprek kwam een einde op het moment dat andere bezoekers de dienst binnenwandelden. Geraakt door deze hartverwarmende ontmoeting stapten wij richting begijnhof…

De dag na Mechelen…

Op de trein vanuit Mechelen liet ik de momenten die mij het sterkt waren bijgebleven, nog eens de revue passeren: het binnengaan van het beluikje van het klein begijnhof, het vrouwbeeld op het pleintje ervan en in de kerk het aanschouwen van het beeld van de aartsengel Michaël. Wat wilden deze momenten mij zeggen?

De momenten en de vraag even zijnde gelaten, nam ik het boek ‘Hildegards godin’ ter hand en begon te lezen. Vanaf de eerste pagina’s raakte ik verdiept in het boek, ik zoog alle woorden op alsof ik ze voor het eerst las en tegelijkertijd leek het alsof ik de inhoud altijd al gekend had. De kairostijd nam het over terwijl ik hunkerend de ene na de andere bladzijde las.

Stomverbaasd las ik: ‘Symbolen en beelden maken het abstracte concreet, ze zijn als vensters waar doorheen we de goddelijke werkelijkheid kunnen ervaren. De stilte van beelden is belangrijker dan de betekenis ervan, het is een manier van weten die het beeld hoger plaatst dan het idee, het intuitieve en associatieve hoger dan het rationele en linaire. Verder is elke beeld verbonden met het ogenblik, met het moment van schouwen.’ Ik hapte naar adem en nam een kleine pauze terwijl ik uit het treinraam naar het landschap keek: hier stond een deel van het antwoord op mijn vraag naar het ‘waarom’ van Michaël!

Een aantal pagina’s later kreeg ik eenzelfde ‘Aha-moment’ bij het lezen van ‘Zien, horen en weten geschiedt mij gelijktijdig, en in hetzelfde ogenblik begrijp ik wat ik te weten kom…’ Deze woorden kwamen het dichtst in de buurt van wat ik ervaarde op alle beschreven momenten en vooral op het moment dat ik de poort van het beluik binnenging.

Mij werd duidelijk dat er veel op mij afkwam en ik aan het begin stond van een nieuwe passie die het nodige opzoekwerk zou vragen: over het christelijk geloof, de heiligen van de begijnen (o.a. Catharina), over Hildegard, over de aartsengelen,… Dit beseffende, vertrouwde ik erop dat mijn ‘honger naar meer’ de komende tijd aan bod zou komen: het begijnhof van Lier stond op de planning te lonken…

Mechelen: eerste verkenning

Tijdens de middagmaaltijd, voorafgaande aan ons eerste ‘officiële’ begijnhofbezoek, schoof mijn vriend me een aantal boeken toe. Mijn oog viel onmiddellijk op het boek met de blauwe kaft waarop de titel pronkte: ‘Hildegards Godin: de wilde en wijze vrouw in ons‘. In dit boek van Miek Pot bestudeerde ik de inhoudstafel en de eerste bladzijde. De figuur ‘Hildegard von Bingen’ zei me heel vaag iets. Ik besloot ter plekke mij te gaan verdiepen in haar toen ik vernam dat ze in de twaalfde eeuw zowel op het gebied van muziek, religie, kruidenkennis en ziekten als politiek een fenomeen om ‘u’ tegen te zeggen, was. Ik nam het boek en mijn voornemen mee op tocht.

Nu wachtte het begijnhof op me…

Mechelenstraat

Vanaf de Centjesmuur vertrok ik op wandel door de straten. Mijn voorbereidingen liet ik even aan de kant liggen, ik nam de tijd om het Groot begijnhof, Klein begijnhof en de Sint-Katelijnekerk onbevangen te ervaren.

Dit begijnhof maakte letterlijk en figuurlijk een ‘rijke’ indruk op me: grote huizen, vele straten en een kerk die, zelfs al waren er aan de buitenkant restauratiewerken aan de gang, baadde in grandeur. In de kerk stond ik stil bij een ‘schoon beeld’ dat mij betoverde: deze strijdvaardige jongeling bleek een engel te zijn.

Aartsengel Michael

Onderaan het beeld las ik: ‘Michaël’. Mijn beperkte engelenkennis vertelde me dat het hier om één van de aartsengelen ging. In mijn notitieboekje kwam hij erbij te staan. Blijkbaar was Michaël heel belangrijk aangezien hij een prominente plaats kreeg.

De ondeugendheid van de begijnen viel me op toen ik een aantal schilderijen aanschouwde: bij elk tafereel op doek had de desbetreffende begijn er zichzelf bijgeverfd, subtiel en onopvallend, maar o zo slinks éénmaal je er oog voor hebt.

P1030609

Op het plein van het Klein begijnhof, bleef ik verrast staan: de schoonheid van dit beeld als eerbetoon aan de begijnen vond ik prachtig.

P1030650

Het ‘bogaard’-beluikje binnengaande, werd ik getroffen door de intimiteit en intense stilte van dit ‘poortje’ en het straatje erachter. Bijna tot tranen toe geroerd, bleef ik staan en genoot van deze verrassende, mystieke stilte. De kloktijd viel plots weg, de kairostijd* nam het over. Op deze plek ben ik lang gebleven, zittend, over- en weer wandelend… verwonderd, verwonderend, woordeloos…

De bogaard - ingang

Van alle ‘Mechelen’-momenten is dit me het sterkst bijgebleven…

* Chronostijd of kloktijd: de tijd die wij aanhouden volgens de klok, zijnde uren, minuten,… wij baseren er onze afspraken op. De kairostijd is de ‘gevoelde tijd’ of ‘beleefde tijd’. Zo kan een uur chronostijd passeren en ‘kairosgewijs’ zeer lang duren (bv. als je moet wachten en elke minuut op de klok kijkt) of juist als kort aanvoelen (bv. omdat je verdiept was in een interessant boek). Wij gebruiken de uitdrukking ‘De tijd vloog.’ om uitdrukking te geven aan de kairostijd.

© Debby Van Linden

Het plan…

Thuisgekomen talmde ik geen ogenblik en begon in de boeken te bladeren. Bij de woorden ‘…de 25 begijnhoven die Vlaanderen rijk is.’ stopte ik met lezen en wist ‘Ik wil ze allemaal gaan bezoeken!

Terwijl ik even pauzeerde met een tas thee, werd het mij opeens duidelijk: ‘maar niet alleen!’ Zonder dat ik er op zoek naar was, had ik reeds een reisgenoot bij mijn ‘ontdekkingen’ in Mechelen en Antwerpen. Ik besloot hem de vraag ‘Ga je mee?’ persoonlijk voor te leggen: deze tocht aanvangen betekende samen op pad gaan doorheen Vlaanderen, praktische zaken vastleggen, veel tijd met elkaar doorbrengen,…

Alhoewel mijn buikgevoel er alle vertrouwen in had, vroeg mijn verstand zich af: ‘Wat als het ‘nee’ is?’

Enkele dagen later legde ik mijn kaarten op tafel: ik maakte duidelijk dat deze zoektocht een belangrijke plaats in mijn leven innam en ik, ondanks dat ik niet wist wat er in het verschiet lag, voelde te moeten ‘gaan‘. ‘Ga je mee?’

Ja.’ was het antwoord. ‘Je bent toch zeker, dit kan bijvoorbeeld twee jaar duren.’ wilde ik nogmaals toetsen. ‘Ja, ok, dan duurt het twee jaar. Ik ga mee.’ Opgelucht en blij schoof ik mijn boeken dichterbij en stelde voor een aantal bezoeken vast te leggen: hierover liet ik geen gras groeien!

Tien minuten later lag het begin van ons plan vast: we prikten een datum voor het eerste begijnhofbezoek: Mechelen. Aangezien daar de kiem van mijn zoektocht lag, was dit de ideale startplaats. Daarna zou Lier volgen. We maakten de afspraak telkens een eerste wandeling door elk begijnhof te maken om de sfeer te proeven en een tweede tocht te maken vanuit her-storisch standpunt.

Gebeten door het begijnhofvirus begon ik te lezen ter voorbereiding…

Indien je graag in je mailbox een bericht ontvangt wanneer een nieuwe post verschijnt, geef dan je mailadres door via ‘follow’ rechts van deze pagina, onder de kalender.

© Debby Van Linden