Herstorisch Oudenaarde: de nauwe kloosterband

De eerste begijnen vestigden zich rond 1200 in de onmiddellijke buurt van het cisterciënzerinnenklooster, nu gelokaliseerd achter de Sint-Walburgakerk. De zusters en begijnen konden zich sterk vinden in de spiritualiteitsgedachten van Bernardus van Clairvaux. Hij legde de nadruk op de mystieke goddelijke éénwording.

B. van Clairvaux- hij had een grote verering voor Maria. Legendegewijs zou hij een visioen gehad hebben waarbij Maria hem sterkte met haar moedermelk.

B. van Clairvaux- hij had een grote verering voor Maria. Legendegewijs zou hij een visioen gehad hebben waarbij Maria hem sterkte met haar moedermelk.

Midden 15e eeuw kochten de zusters het begijnenverblijf en verhuisden de begijnen naar de huidige locatie. De nabijheid van de Schelde was bijkomend voordelig voor hun waterbevoorrading. In de 16e eeuw werd een kapel gebouwd en een pastoor aangesteld. Net als de andere hoven brak ook hier in de 17e eeuw een bloeiperiode aan: veel intredingen en de uitbouw van het hof (met o.a. een mooie begijnhofpoort). De Oudenaardse begijnen hebben weinig hinder ondervonden van de verschillende oorlogen en gezagsvormen doorheen de 18 en 19 eeuw door de bescherming van de Gentse bisschop Bracq, hij kocht het hof aan.

Momenteel fungeert het hof als rustoord voor bejaarde vrouwen. De zusters van het cisterciënzeorde nemen een groot deel van de zorg van deze bewoners op zich, waardoor de herstorische band blijft.

P1050104

Bij binnenkomst van het hof valt de stevige, barokke begijnhofpoort meteen op. In de nis pronkt een beeld van Sint Rochus: in zijn legende verzorgde hij pestlijders waardoor hij patroonheilige van deze ziekte word genoemd.

P1050105

Het hof bestaat uit verschillende pleinen met een grote bloemenpracht en omhelst een dertigtal huizen. Oorspronkelijk waren dat er een veertigtal, doch door samenvoeging van enkele huizen komt men tot dit nieuwe aantal.

P1050131

P1050133

Aan de rechterkant van de poort tref je een grote kapel en een ‘kleine zus’ achteraan het hof. Dit laatste ‘Onze-lieve-Vrouw van Smarten’ kapelletje stelt het verdriet over en het loslaten van Maria ‘s zoon centraal.

P1050128

Advertisements

Een half jaar onderweg…

Hemelvaartsdag, tijd voor verademing en terugblikken…

Ondertussen hadden we vijftien begijnhoven achter de rug, de overige elf Vlaamse en twee Nederlandse stonden op ons te wachten. Hof per hof begon ik de puzzelstukken bij te prikken, HerStory groeide en groeide…

prikbordhalfvolHerstory

Mijn blik gleed langs de foto’s, kaartjes en herinneringen:

 – waar ik vroeger geen interesse had in geschiedenis, had ik deze nu eens te meer. Ik besefte toen de patriarchale geschiedenis te krijgen en te hebben meegekregen en was nu bezig met mijn eigen (en ons eigen) erfgoed als vrouw bijeen te sprokkelen en te integreren. Op de fundamenten van History trof ik HerStory.

– mijn bewondering voor de begijnen groeide gestaag: ondanks oorlogen, felle tegenwerking, beschuldigingen en veroordelingen tot de brandstapel, hadden zij 800 jaar bestaan. Wat een madammen, wat een pit, wat een erfgoed!

– ik ‘vrat’ boeken, verdiepte mij in Maria Magdalena en Deborah, de grootjuffrouwen van de begijnhoven, hun legendes,… Ik genoot intens van stilte, van Moeder Natuur en van de verandering van de seizoenen. Mijn hunkering naar ‘voeding’ was enorm, en nieuwe wereld ging open, een nieuwe levensfase werd geboren… Ik besefte doorheen de uiterlijke begijnhofbezoeken met de constructie van een ‘innerlijke tempel’ bezig te zijn.

– mijn intuïtie en scherp waarnemingsvermogen en de kunst deze uit te drukken in woorden naar anderen toe begon ik te zien als waardevolle instrumenten: ‘eigenwijs’, ‘frank’, ‘opstandig’, ‘confronterend’ en ‘rebels’ waren vaak gehoorde woorden in mijn kindertijd. Mijn eigen natuur was intact gebleven en kon ik tergvinden als ik haar wortels vond en voedde. Ik besefte dat we, opgroeiende, leren onze eigen innerlijke stem te wantrouwen en vooral te doen wat maatschappelijk ‘goed’ en ‘norm-aal’ is. Ik was blij met deze ‘intacte’ ontdekking en noemde deze de ‘Pippi Langkous in mij’, doch kwaad op deze onderdrukkende, misogyne mechanismen en de moeite die het mij koste deze te achterhalen en te herstellen.

Pippi-Longstocking-zw

– mijn relatie met Maria was veranderd: eerst ontvluchte ik haar, ze bleef me echter achtervolgen. Daarna liet ik de mij aangeleerde verhalen over haar los en begon vanuit de leegte, vanuit het onbekende naar haar te luisteren: ‘let it be’. Per begijnhof kwam ik dichter bij haar te zitten… Wat was  nu toch haar verhaal?

– de queeste zelf duwde mij voort: naar het volgende hof!

Herstorisch Mechelen: verhuizingen en grandeur (3)

Het Klein Begijnhof ademt niet de grandeur van haar zusterhof uit, maar biedt door haar kleinschaligheid een pittoreske sfeer. De poorten naar het hof en een groot aantal huizen zijn er niet meer, de serene sfeer proef je echter nog wel in de kleine en verborgen hoekjes…

In 1260 vertrokken, zoals reeds eerder aangehaald, de begijnen uit het Klein Begijnhof weg om aan de overkant van de Sint-Katelijnekerk een nieuw en groter begijnhof te bouwen. Oudere, bejaarde en zieke begijnen wilden echter blijven in hun ‘hofke’ dat hen zo vertrouwd was. De Maria Magdalena-kapel vormde hun gebedsplaats. Hierbij is het belangrijk te vermelden dat Maria Magdalena als vrouw voor de begijnen een belangrijke identificatiefiguur vormde daar zij degene was die, als apostel*, het dichtst bij Jezus leefde en hem als eerste had gezien bij zijn herrijzenis uit de dood. In hun geloof poogden de begijnen Jezus ook zo nabij mogelijk te zijn.

Maria Magdalena-kapel door Ann Slaghmenken

Maria Magdalena-kapel door Ann Slaghmenken

Hoek M.Magdalena-kapel: foto door Karine Govaert

Hoek M.Magdalena-kapel: foto door Karine Govaert

De kapel vormt nu een sportzaal voor de leerlingen van de lagere school.

Tussen de huizen met nummers 12 en 14 vinden we een intiem begijnenbeluikje terug, genaamd ‘De Bogaard’. Het mooiste huis zonder ommuurring is zonder twijfel nummer 14, onmiddellijk aan de doorgang van het beluik.

P1030657

* Maria Magdalena werd later door de kerk als prostituée ‘herschreven’ en als zodanig weggeveegd. Dankzij ettelijke studies naar de relatie tussen Maria Magdalena en Jezus Christus en bestudering van haar evangelie, heeft de kerk kortgeleden deze ‘foute filtering’ toegegeven.

© Debby Van Linden

Bronnen: zie Herstorische Mechelen: verhuizingen en grandeur (1)