De begijn en de theoloog: een andere kijk op ‘Compilatio singularis exemplorum’ – The beguine and the cleric: another view on ‘Compilatio singularis exemplorum’

(English: see below)

De ‘Compilatio singularis exemplorum‘, een opgeschreven dialoog tussen een begijn en een Parijse theoloog in de dertiende eeuw, wordt vaak aangehaald als een voorbeeld van ‘begijnenwijsheid’, een wijsheid die door de aangehaalde theoloog niet begrepen werd en vijandigheid opriep. De dialoog tussen deze vrouw en man wordt vaak bekeken als een concurrerende dialoog. Hier leg ik graag een andere interpretatie voor.

Het betreffende fragment, neergeschreven door een theoloog uit Frankrijk, geeft het antwoord van een begijn weer nadat hij haar ‘koppige’ houding berispt.

‘Jij spreekt, wij handelen

Jij leert, wij begrijpen

Jij onderzoekt, wij kiezen

Jij kauwt, wij slikken

Jij onderhandelt, wij kopen

Jij gloeit, wij staan in brand

Jij veronderstelt, wij weten

Jij vraagt, wij nemen

Jij zoekt, wij vinden

Jij hebt lief, wij smachten

Jij wacht, wij sterven

Jij zaait, wij maaien

Jij werkt, wij rusten

Jij wordt dun, wij worden dik

Jij klinkt, wij zingen

Jij zingt, wij dansen

Jij bloeit, wij dragen vrucht

Jij proeft, wij smaken’

Deze tekst wordt geïnterpreteerd als een dialoog van tegenstellingen waarin twee types van kennis tot uiting komen, gekoppeld aan het geslacht van betreffende personen: de rationele, geleerde woorden van de man en de intuïtieve kennis van de vrouw. Hierop volgt dan de veronderstelling dat de begijn (‘wij’) door middel van haar antwoord pretendeert ‘het beter te weten’ en het huis van de rede hiermee aan te vallen. Hierbij heb ik me de vragen gesteld: was de begijnenspiritualiteit aanvallend bedoeld of werd deze als zo aanzien? Hoe werd een uitgebreid antwoord van een vrouw op een hoger in sociale rang staande man bekeken? En getuigt de dialoog van tegenstellingen?

Voorbij het dualisme

Indien we de begijnenspiritualiteit van nabij bekijken, vinden we één overkoepelend kenmerk steeds terug: éénheid. ‘Werken is bidden en bidden is werken’ toont dit helder aan. Ook in hun contacten met de hen omringende maatschappij waren zij duidelijk: wij zijn niet tegen dit systeem, wij kiezen wel voor een eigen levensinvulling – waarbij letterlijk de poort naar een huwelijk of kloosterintrede open stond.

heart01-200x300

Hun levensstijl en handelen stonden in het teken van de weg van het hart: éénheid van verstand en buikgevoel, van lichaam en geest, kortweg bezieling. Het antwoord van de begijn getuigt mijns inziens van spreken vanuit het hart, waarbij tegenstellingen en dualisme worden opgeheven. Hierbij is geen vergelijking van ‘beter(e kennis)’ versus ‘slechter(e kennis)’ en ‘mannelijke’ versus ‘vrouwelijke’ kennis mogelijk: wijsheid van en vanuit het hart behoeft geen hiërarchie, geslacht of gender, kan er gewoon zijn. Het durven uitspreken van deze woorden lijkt me eerder een mooie poging van de begijn om, op een speelse en verrassende manier, de opmerking van de theoloog te overstijgen. Zij poogt zich niet te gaan verdedigen of verontschuldigen, maar kiest voor ‘de derde weg’: deze van het hart. Deze weg gaande werd door de (kerkelijke) autoriteiten als ‘ketters’ en ‘ongehoorzaam’ bestempeld aangezien men geen vat kreeg op hen. Hierbij stel ik me de vraag: gaf net dit controleverlies bij de heer in kwestie een gevoel van onmacht waarbij hij de begijn bestempelde als ‘pretentieus’ en ‘arrogant’?

En de wijze vrouw/begijn? Die ging haar eigen weg

© Debby Van Linden

Bronnen:

Simons, W. Cities of ladies. University of Pennsylvania Press, Philadelphia, 2001.

Compilatio singularis exemplorum‘-tekst in Sint-Annazaal/belevingscentrum begijnhof Kortrijk.

The written dialog called ‘Compilatio singularis exemplorum’, is a unique piece of work: this 13th century manuscript gives us an insight in the wisdom of the beguines of that time. The text was written by a Paris cleric and is often described as an example of ‘beguine wisdom’ – a wisdom that was not understood by the cleric who wrote it down and who felt emnity to the beguine. This text is often viewed as a competitive dialog. I wish to take another look at that…

This dialog is the respons of a beguine after the cleric points to her ‘dismissive’ attitude. The beguine responds by saying:

‘You talk, we act

You learn, we seize

You inspect, we choose

You chew, we swallow

You bargain, we buy

You glow, we take fire

You assume, we know

You ask, we take

You search, we find

You love, we languish

You languish, we die

You sow, we reap

You work, we rest

You grow thin, we grow fat

You ring, we sing

You sing, we dance

You blossom, we bear fruit

You taste, we savor’

Now this fragment is seen as a dialog of opposites of two kinds of knowlegde, also connected with the genders: the rational, educated words of the man and the intuïtive knowledge of the woman. Then follows the suggestion that the beguine (‘we’) pretends to ‘know better’, hereby attacking the house of reason.

I asked myself: was the spirituality of the beguines ment to attack or was it seen like that by the church? How did a man of a high social position react to a statement of a woman? And is this dialog really ment as reproduction of contradictions?

Beyond dualism

If we take a closer look at the beguine spirituality, we find one characteristic coming back: oneness. ‘Working is praying and praying is working’ shows this clearly. Also in their contacts with society they took a stand: they were not against this system, they choose their own life fullfilment – the gate to a marriage or a monastry was always open.

heart01-200x300

Their life and actions were all centered around the road of the heart: oneness of reason and intuïtion, of body and mind, in short ‘spirited living’. The answer of the beguine to me shows this speaking from the heart: contradictions and dualism are lifted. There’s no comparison possible between what kind of knowledge is ‘better’, between ‘male’ and ‘female’ knowledge: wisdom of the heart has no need of hierarchy or gender, it just is. Daring to speak those words, it seems to me, was a beautiful effort coming from the beguine to show this way of the heart to the cleric: she did this in a playfull and surprising way. She soesn’t apologise or defend herself, she chose ‘the third road’: that one of the heart. Now, this was seen by church authorities as ‘heretic’ and ‘disobiedient’ because they couldn’t control the beguines. I was asking myself: was it this loss of control, felt by the cleric, that made him characterize the beguine as ‘arrogant’ and ‘overblown’?

And the wise woman/beguine? She went her own way

© Debby Van Linden

Sources:

Simons, W. Cities of ladies. University of Pennsylvania Press, Philadelphia, 2001.

Compilatio singularis exemplorum‘-text in the Experience Center of the beguinage of Kortrijk.

Advertisements

Ankeren in herstorisch erfgoed…/ Finding an anchor in herstorical heritage

Er zijn ‘durvers’, mensen die het me openlijk vragen, anderen die pas na een lang gesprek en met de nodige aarzeling de woorden op tafel leggen: ‘Maar waar komt uw passie vandaan? Wat vind u in dit erfgoed dat zo bezielend is dat u erover leest, schrijft en gidst?’ In het vrouwenerfgoed tref ik verschillende zaken, eigenlijk zo’n 1001 dingen. Bij twee ervan sta ik uitgebreider stil.

  • een anker: Hedendaags leven we in een cultuur waarin de rede, materialisme, dualisme, emotionele en spirituele isolatie en overconsumptie hoogtij vieren. Een gelijkaardig tijdsklimaat kenmerkt de periode van de beweging van de vrouwen en mannen, respectievelijk begijnen en begaarden genoemd: opkomend materialisme en een kerkelijke/spirituele wanpolitiek. Zij droegen andere waarden uit: zorg voor elkaar, zelfstandigheid als vrouw en een éénheidsbeleving – spiritualiteit stond centraal en kwam zowel tot uiting in hun werk als hun gebeden (‘werken is bidden en bidden is werken’). Net als elke andere beweging was hun levenswandel niet perfect, doch hun waarden en normen legden een fundament qua levenswijze die zo’n 800 jaar heeft standgehouden. Deze norm vormt een persoonlijke leidraad, een anker in de hedendaagse wereld.
Verpozen op het hof van Sint-Amandsberg.

Verpozen op het hof van Sint-Amandsberg.

  • Herstory: mijn scholing leerde me enkel de geschiedenis van en door mannen geschreven, History. De wijze vrouwen gaven me het begin van herstorisch erfgoed: geschiedenis van mijn ‘voorvrouwen’. In het vinden van een identiteitsbeleving acht ik deze informatie, in woord en beeld, een noodzakelijk recht. Dit recht wordt vrouwen (en mannen) in onze cultuur afgenomen en het zijn vrouwen die het (steeds opnieuw) moeten claimen*. Elk werk, verhaal of document vormt een nieuw stukje voedingsbodem op mijn herstorisch pad. De wijze vrouwen toonden me een uniek en allesomvattend stuk herstory: 800 jaar bestaan en erfgoed nalatende op én spiritueel én economisch én politiek én identeitsvlak – wie doet beter?
* Wat zegt dit over onze maatschappij?

© Debby Van Linden

There are a few people who ask me directly and very openly, others who try to pose the question after a long conversation: ‘What is the root of your  beguine passion? What do you find in this heritage touching your soul so much that you write, lecture and give guide tours about it?’ Actually, in this herstorical heritage I find a million things. I will give two of those things a closer view.

  • An anchor: Our Western culture today presents values as ‘reason’, ‘materialism’, ‘dualism’, ’emotional disconnection’ and ‘overconsumption’ and places them on a high level. We search for spiritual anchors on how to live our lives. At about the same situation was a reality in the time period of the rising of the women and men, called ‘beguines’ and ‘begards’. They too, at that time as a reaction to the Churches injustices, searched for new values: they decided to follow a life of sobriety and care for others. Their spirituality was one of ‘oneness’: their work was a prayer. For women, such a life also ment having a life independent of a man or Church, having an identity on their own. Just as every other movement their lives were not perfect, but that didn’t stop them for living a herstory of eight centuries! In this spirituality, I have found an anchor, a set of values as a personal guide.
Taking a moment of rest at the beguinage of Sint-mandsberg...

Taking a moment of rest at the beguinage of Sint-Amandsberg…

  • Herstory:  at school I learned history, a past written by and made by men. The movement of the wise women, named ‘beguines’, showed me the beginning of herstorical heritage: the past lives of women who did incredible things. In finding my own identity I insist on this information as a basic human right. This human right is taken away from us and it are, most of the time, women who (have to) reclaim it*. Every story, document or picture to me is a piece of ‘nurture’, walking my herstorical path. Those women, called ‘beguines’ showed me a big piece of Herstory: 800 years of existence, leaving us a remarkable heritage on a spiritual, economical and political level plus showing us a new form of identity as a woman – who can do better?
What does this say about our society?

© Debby Van Linden