Torenhoge huizen in Amsterdam…

Waar Breda een rustige, gezellige stad was, ademde Amsterdam drukte en grootsheid uit. De poort langs de Begijnensteeg ingaande, volgde een tweede poort langs de Gedempte begijnengracht, waarna het hof zich openbaarde.

adamikke

Het begijnhof kwam me anders dan alle andere hoven over: torenhoge huizen met een centraal plein (dat deels niet toegankelijk is voor bezoekers).

adamwittehekjes

Naast de rust en stilte op het binnenplein en in de kapel, mistte ik de specifieke begijnenspirit. Ik merkte geen connectie met het hof te hebben en wilde dit ook niet forceren: ik had ondertussen geleerd ‘als het er niet is, is het er niet.’Op het informatiebord aan de ingang vond ik geen spoor terug van de onafhankelijke en intelligente vrouwen die zij destijds waren.

P1060402

Ook het klassieke beeld van de begijn met het monialenhabijt kwam hier letterlijk en figuurlijk terug. Ik besloot het hof langs de andere kant te verkennen en vond een beeld dat voor mij wél vrouwenkracht uitdroeg: de mantelheilige Sint-Ursula, hangende boven de ingangsdeur langs de stadskant.

P1060412

Ursula deed me sterk denken aan Begga, beschermvrouwe van de begijnen en begaarden: een soort oermoeder die waakt over haar kinderen, met haar sterrenmantel als beschermend omhulsel.

Op terugweg naar huis, terwijl de moeheid van een weekend Nederland zich over mijn ogen neervleidde, besefte ik nog net dat het einde van ‘de queeste’ in zicht kwam: drie vrouwenstadjes restten me nog…

© Debby Van Linden

Advertisements

Herstorisch Anderlecht: wie het kleine niet eert,…

P1060092

Het kleine Anderlechtse begijnhof dateert van midden 13e eeuw en straalt vooral soberheid uit, dit in tegenstelling tot het zusterhof in Brussel-stad. Dit pittoreske hof gaf verblijfplaats aan slechts acht begijnen die een gemeenschappelijk huis betrokken, ook wel een convent genoemd. Voor hun religieuze momenten hadden ze hun eigen bidkapel, doch de misvieringen werden in de nabijgelegen Sint Pieter en Guidokerk gehouden.

P1060089

P1060087

Met de Franse inval in de 18e eeuw ging het begijnhofje over in handen van het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen, wat nu het O.C.M.W. noemt. De begijnen konden op hun hof blijven wonen mits betaling van huurgeld. In de 19e eeuw verminderde het begijnenaantal staags tot er geen Anderlechtse begijn meer over was. Het hof kreeg een functie als bejaardentehuis voor vrouwen. Een eeuw later kocht de stad het hof aan, voerde renovatiewerken uit en liet een gedeelte ervan als volksmuseum fungeren (waarbij ook het begijnenleven aan bod komt).

P1060103

Alhoewel de grote barokpoort en de tuin er niet meer is, verschaft de kleinere poort en het binnenplein een groot gevoel van intimiteit en tegelijkertijd stil aandenken aan deze voormalige vrouwengemeenschap.

© Debby Van Linden

Vrouwenkracht: verbinding via wederzijdse inspiratie!

De maanden januari en februari zijn ‘schrijfmaanden’: de boeken induiken, fragmenten en informatie met elkaar verbinden, af en toe de boel eens laten rusten, teksten laten nalezen en verbeteren,… om erna met nieuwe ideëen aan de slag te gaan. Het resultaat ervan merk je binnenkort!

Hypathia van Alexandrië: filosofe, wiskundige en astronome - veelzijdige inspiratiebron.

Hypathia van Alexandrië: filosofe, wiskundige en astronome – veelzijdige inspiratiebron.

Ondertussen werd deze blog gelezen door Florieke Koers uit Noord-Braband: geïnspireerd nam ze bij een bezoek aan Amsterdam de gelegenheid het begijnhof te verkennen als onderdeel van haar queeste naar vrouwenwijsheid – en schreef er vervolgens over! Dank aan Florieke voor dit gulle gebaar van vrouwenkracht! Met veel plezier en wederzijdse inspiratie deel ik haar verhaal (klik om te vergroten of ga direct naar Floriekes blog)…

florieke1

florieke2

florieke3

florieke4

florieke5

florieke6

florieke7

Floriekes inspirerende blog over haar queeste en nog veel meer vrouwenerfgoed vind je via: www.vrouwenwijsheidblog.nl of www.floriekekoers.nl

© Debby Van Linden

Returning…(2): Antwerpen

Een tweede uitstap in deze lichtperiode leidde richting Antwerpen. Dit begijnhof zette, na de ‘dansende vrouwen van Mechelen‘ gezien te hebben, mijn ziel in vuur en vlam en gaf het begin van mijn queeste aan.

Apenbhofbeggapoort

Alsof ik ze pas gisteren had gezien, daar was Begga weer, prijkend bovenaan de poort. Net om de hoek piepende, glimlachte ik ter herkenning van deze woorden op het ingelijste kader. De allereerste zin had mijn nieuwsgierigheid aangewakkert en mij doen grasduinen in boeken, doen zoeken naar Herstory

Apenbhofplakkaat

In de stilte van deze dag wandelde ik het hof door, stapte door de binnentuin … wat deed het deugd hier nog eens te kunnen ‘zijn’!

Apenbhofinkom

Aan de buitenkant van de Catharinakerk merkte ik de eerste tekenen van restauratie.

Apenbhofrestauratie

ApenkerkCatharina

In de kerk waren enkele glasramen verdwenen, ook hier binnen werd het erfgoed deel per deel terug opgeknapt. Deze aandacht en zorg zien, gaf me een fijn gevoel. In het gebouw was het muisstil, een moment om hiervan te genieten en ‘bij te tanken’. Even stond ik oog in oog met Begga, centraal opgesteld aan het altaar.

Apenbeggakerk

Ik zag me hier weer staan, enige tijd geleden: zoekend, zoekend, zoekend,… vervolgens verbouwereerd door de magie van dit begijnhof, zielsblij dit (toen onbekende) vrouwenerfgoed te ontdekken. Ik besefte een weg te hebben afgelegd… een weg naar mijn ‘voormoeders’, naar de wijze vrouwen die me vooral waren gegaan, naar mijn geschiedenis en als zodanig naar mezelf.

In het gastenboek van de kerk noteerde ik de oprechte woorden: ‘Het is fijn weer ‘thuis‘ te komen!’

© Debby Van Linden

Doorheen ‘de mist’: thuiskomen bij Maria (1)

Uitkijkende naar het komende bezoek aan het Diestse begijnhof, merkte ik met de steeds terugkerende vraag ‘Wat is nu de betekenis van mijn band met Maria?’ te zitten.

mariaBradiBarth

Sinds haar te ontdekken en mijn ont-moet-ing met haar op het begijnhof van Turnhout, was ze nog een paar keer opgedoken op een aantal hoven (o.a. in KortrijkDendermonde en Oudenaarde) en telkens voelde ik dichter bij haar te komen. Ik merkte dat ik nu dicht genoeg was, doch geraakte geen stap verder in het vinden van hetgeen ze me wilde zeggen. Mijn ongeduld werd frustratie, mijn frustratie werd kwaadheid. Staande voor mijn prikbord wierp ik op een gegeven moment mijn handen in de lucht en uitte ‘Verdorie, wat wilt ge mij nu eigelijk zeggen? Kom dan met je verhaal!‘ Alhoewel dit opluchtte, had ik het gevoel in circels te draaien…

Een paar dagen later uitte ik dezelfde vraag en het bijhorend gevoel bij iemand die ik heel recent op mijn queeste had leren kennen. ‘Ken je het verhaal van Merlijn en koning Arthur?‘ vroeg ze. ‘Euh, ja,… wel, de Disneyklassieker ‘Merlijn, de tovenaar’ met dat jongetje en het zwaard in de steen.’ Ik herinnerde me de film in mijn kindertijd een paar keer gezien te hebben.

Even later kreeg ik een DVD met de titel ‘The mists of Avalon’ en een boek van Laurie Cabot voor mijn neus geschoven. ‘Kijk, dit is het verhaal van Arthur, doch vanuit het perspectief van de vrouwen.‘ ‘Huh? Werkelijk? Een verhaal vanuit vrouwenperspectief?’ zei mijn verstand, ‘En welk verband is er dan tussen Maria en Arthur?’, doch mijn gevoel zei ‘Kijken! Lezen!’.

mofavalondvd2

Op weg naar mijn queestevriend, probeerde ik alle nieuwe informatie tijdens het gesprek te plaatsen: ‘The mists of Avalon’, ‘Keltische feesten’, ‘dagen met dikke ochtendmist’, ‘christenen’,… ik kon ze niet met elkaar in verband brengen. Ik talmde geen ogenblik: ik wilde die avond, koste wat het kost, de DVD zien…

© Debby Van Linden

Aalst: schrijnend dieptepunt

Na de Leuvense ontdekkingen, wandelden we richting begijnhof, een klein eindje van de stadskern van Aalst vandaan. Wat stond ons te wachten?

Het hof naderende, kwam een sterke, industriële geur van de fabriekstorens vlak achter het hof ons tegemoet. De doorgang binnengaande, bleef ik abdrupt staan: ‘Was dit een begijnhof?’ Het huilen stond me nader dan het lachen. Het groothuis, een kapelletje, de kerk en twee ‘gewone’ huizen waren nog over van dit immense terrein. De woningen waren vervangen door nieuwbouw, de fabrieksschouwen verpestten het uitzicht. De identiteit, de beslotenheid, de sereniteit,  allemaal uitgewist… verdwenen…

AAkapel

beggaAA

De kapel boodt even ademruimte. Begga preikte in het glasraam boven me. Terwijl ik rondkeek, merkte ik hoeveel zorg deze ruimte kreeg: een foldertje aan de deur maake duidelijk dat het onderhoud door een bewoonster van het hof gebeurde. Aangezien deze niet thuis was, stopte ik een briefje met een waarderende boodschap in de brievenbus.

P1050456

kerkAAbinnen

Aan de kerk waren verbouwingswerken aan de gang: binnengaande merke ik dat nog een stukje van het altaar (voorlopig?) intact was; een schilderij met Catharina en Begga hing te pronken.

beggabeeldAa

Buitenkomende ontmoette ik nogmaals Begga, deze keer in beeldvorm, verwaarloosd en aangetast.

AApoortje

Na het achterpoortje van het hof doorgewandeld te hebben, verliet ik teleurgesteld en aangedaan het hof.

Op terugweg passeerden we een winkel met oude boeken. Een aantal ervan lagen buiten op een tafel. Bij het lukraak doorbladeren, vond ik plots een aantal afbeeldingen* van het begijnhof in oorspronkelijke staat. De bijhorende tekst begreep mijn gevoel met de woorden ‘Eén van de belangrijkste geschiedkundige plaatsen van de stad verdween voorgoed. Menig Aalstenaar denk met weemoed terug aan wat misschien wel het mooiste plekje van de stad had kunnen worden.’) Een klein spoor, een klein beetje vreugde om wat had kunnen zijn…

hofvroegerAA P1050490

* De zwart-wit foto’s komen uit de verzameling van Godelieve en Jerome Renneboog.

Herstorisch Leuven – Klein begijnhof: een restje glorie

Over de stichting van dit begijnhof is weinig met zekerheid te vertellen, men veronderstelt dat de aangelegen Sint-Gertrudisabdij een grote rol vervulde in het ontstaan van een begijnengemeenschap en hen tevens financiële steun verleende. De schenking van een huis aan de infirmerie door rijke begijnen in 1295 is echter een vaststaand feit.

In de 14e eeuw brak een rustige groeiperiode aan: een kapel werd gebouwd en gravin Johanna van Constantinopel erkende officieel de rechten van het hof. De 17e eeuw kenmerkte zich door een grote bloei, net zoals de meeste andere begijnhoven: het begijnenaantal steeg enorm en een nieuw bedehuis werd gebouwd.

huisbegL

In de 18e eeuw werd het hof door de Fransen opgeheven en de infirmerie over in handen van de Commissie der Burgerlijke Godshuizen (het toenmalige O.C.M.W.). Het begijnhof werd later weer vrijgegeven, doch door het dalende begijnenaantal was heropbouw niet meer mogelijk. Niet lang na het overlijden van de laatste straffe madam, wordt ‘afbreken’ realiteit: de poort en de kapel verdwenen. In 1954 ging ook de infirmerie tegen de grond ten voordele van een nabijgelegen brouwerij.

begijnhofLingang

Van de oorspronkelijke 32 huizen blijven er nu 27 over, deze werden in 1980 gerestaureerd. Via de naamplakkaatjes aan de huizen blijft een glimp van verleden bewaard…

conventL

beggL

Doorheen onze wandeling langs de Leuvense hoven, vonden we een aandenken aan de mannelijke begijnen, de bogaarden, in de Mechelsestraat. Ook de mannen laten hun ‘roots’ zien…