Het zal zijn…’begijn’!: de geschiedenis. – ‘It will be…’beguine’!: the story.

(in English: see below)

Midden oktober 2017 waaide er stof op in Gent: het opschrift bij de nieuwe straatnaam ‘Marcella Van Hoecke’ kon rekenen op verontwaardiging… Twee vrouwen ondernamen actie om de wind te doen keren, mét resultaat.

Wat voorafging…

Toenmalig Agalev-lid Bea Perriens stelde in 1995 reeds dat één op zeven straatnaamborden vrouwennamen betrof, een seksistisch feit. Sindsdien zette de stad Gent zich aan een inhaalbeweging. In 2012 stelde  Joke Vasseur, diversiteitsambtenaar van stad Gent en voorzitter van het Gentse vrouwennetwerk ‘Oog in Oog’, dat deze praktijk te traag ging. ‘Er zijn nochtans genoeg Gentse vrouwen die zeker een vereeuwiging op een straatnaambord verdienen.’ getuigde ze. Het vrouwennetwerk zette daarom de actie ‘Straatnaam zoekt vrouw‘ op om de stad extra te stimuleren tot een evenwichtige verdeling van straatnamen te komen. Straatnamen zetten letterlijk een straat- en maatschappelijk beeld neer, zo getuigend van een collectief geheugen.

De kwestie

Op de Gentse Gemeenteraad van 25 september werd beslist over nieuwe straatnamen op de nieuwe verkaveling aan de Kasteelwegel te Sint-Amandsberg. Eén straat zou de naam ‘Josepha Goethals’, zijnde laatste grootjuffrouw van het begijnhof van Sint-Amandsberg dragen, een andere straat werd toegekend aan Marcella Van Hoecke, begijn op het begijnhof ‘Ter Hoye’ te Gent alsook laatste begijn te Gent. Dit initiatief duidt op aandacht voor het begijnse erfgoed en het belang ervan voor de stad Gent. Doorn in het oog betrof echter het opschrift bij de straat naar begijn Van Hoecke, nl ‘laatste begijntje in Gent’.

De actie

Mevrouw Cécile Van Ooteghem, lid Raad van Bestuur begijnhof Sint-Amandsberg, contacteerde de burgemeester en de vrouwelijke schepenen omtrent deze kwestie. Bij het vernemen hiervan, lanceerde Debby Van Linden, uitdraagster van het begijnenerfgoed, op 12 oktober de petitie ‘Redt de begijnen van verkleining!‘. Vele begijnse contacten sloten zich aan bij deze stelling met uiteindelijk 83 handtekeningen.

fotoBArtbijGoethals

Links eerste initiatiefneemster mevrouw Cécile Van Ooteghem, rechts tweede initiatiefneemster Debby Van Linden, met in het midden het portret van de laatste grootjuffrouw Josepha Goethals (Mattekeskamer, Groot Begijnhof Sint-Amandsberg). Foto copyright: B. Stevens.

Karlijn Deene, sinds 2012 Gents gemeenteraadslid en sinds 2009 raadgever onroerend erfgoed en ruimtelijke ordening op het kabinet van Vlaams minister Geert Bourgeois, werd op de hoogte gebracht en bracht het punt op 24 oktober op Gemeenteraad. Zij deelde ons een dag later het positieve nieuws mede, nl. het zal zijn ‘begijn’. Zij onderschrijft de stelling door terecht op te merken dat een straatnaamopschrift met ‘paterke x’ onbestaande zou zijn. De reeds ingelichte krant ‘De Gentenaar’ publiceerde hierover een artikel op 26 oktober.

De achtergrond

De verkleining van de begijnen stamt voornamelijk uit het romantisme, als tegenhanger van het Verlichtingsdenken: deze stroming kenmerkt zich door het idealiseren van en dwepen met de natuur en het verleden. Het romantisme kon rekenen op belangstelling van een elite in literaire en artistieke middens in de tweede helft van de 19e eeuw, met uitlopers in de 20e eeuw. Zij beschreven begijnhoven als onrealistisch gepresenteerde oorden van vredige en klinisch smetloze rust met begijnen als gezapige, kantklossende en verheven vrouwen. Dit beeld stond haaks op het begijnse leven waarin hard werken, schoolgaande kinderen op het hof, bezoek van handelaars en onderhandelingen van gewiekste grootjuffrouwen met de stedelijke en kerkelijke overheid de realiteit vormden.

Suiker-300x220

Onder het romantisme van o.a. Felix Timmermans werden beelden van begijnen weergegeven als geïnfantiseerde folklorefiguren, letterlijk en figuurlijk in versuikerde vorm.

Welke toekomst willen we?

Begijnhofmuseum (3)

UNESCO-erkend Werelderfgoed begijnhof Dendermonde, kamer van de grootjuffrouw, nu museum. Foto copyright: Stedelijke Musea Dendermonde.

Hierbij een warme oproep: uw portie zoet in uw dagelijkse kop thee of koffie is u van harte gegund, bij het spreken over het begijnse erfgoed gooien we echter de suikerpot, met plezier, overboord. Wie ook maar iets van de begijnengeschiedenis kent, spreekt over begijnen als uitvindsters van een onafhankelijke levensstijl, draagsters van de oudste religieuze geschriften in de volkstaal én 13 erkende begijnhoven als UNESCO-Werelderfgoed in Vlaanderen als eerbetoon aan dit uitzonderlijk nalatenschap.

P1070821

UNESCO-erkend Werelderfgoed begijnhof Turnhout. Foto D. Van Linden.

Hartelijk dank aan iedereen die een bijdrage leverde aan deze actie: ondertekenaars van de petitie, zij die bijdroegen via verspreiding door sociale media, de deugddoende steunbetuigingen en waardevolle tips. Met dank aan mevrouw Karlijn Deene, gemeenteraadslid stad Gent, alsook de andere gemeenteraadsleden die dit voorstel ondersteunden.

Dank aan mevrouw Cécile Van Ooteghem en meneer Bart Stevens, vzw Groot Begijnhof Sint-Amandsberg, voor de medewerking.

(in English)

When the Council of Ghent decided to name a street after a beguine, some things didn’t work out the way they decided: on the 14th of October two women decided to try to bring a change… and they did!

Previous work…

It was politican Bea Perriens who noticed the fact of just one in seven names of women used fot names of streets. Her work, declaring a sexist situation for women, got attention: the city of Ghent decided to name new streets after remarkable women. Joke Vasseur, chairwoman of a women’s network and working on the subject of diversity at the city of Ghent, was not satisfied with the slow progression of naming street names to women. In 2012 she organised a campaign, ‘Street name searching woman’ to gain attention for this problem. Street names are wittnesses of our past and are part of our collective memory.

The subject

On the 25th of September 2017 the Council of the city of Ghent decided to name two streets in Sint-Amandsberg (Ghent) to beguines. One street will carry the name of the last misstress of the Large Beguinage of Sint-Amandsberg, the other dedicated to the last beguine of Ghent living at the beguinage ‘Ter Hoye’, Marcella Van Hoecke. This would be a respectfull honour to the heritage the beguines left us. The adposition information on the street name of the last beguines was ‘little beguine’, as if the beguines were little women who lived a life filled with childlike behaviour.

Standing up for the beguines

It was Cécile Van Ooteghem, member of the Board of the beguinage of Sint-Amandsberg, who contacted the major and the female members of the Council of the city. Hearing this news, Debby Van Linden, lanced a petition called ‘Save the beguines from being little!‘. Many people, caring for the heritage of the beguines, signed the petition, gathering 83 signatures.

fotoBArtbijGoethals

On the left first representative lady Cécile Van Ooteghem, on the right second representative Debby Van Linden, in the middle a portrait of the last misstress Josepha Goethals (Mattekeskamer, Groot Begijnhof Sint-Amandsberg). Foto copyright: B. Stevens.

On the last gathering of the Council of Ghent, member miss Karlijn Deene, working for minister Geert Bourgois on the Heritage Department, took this information and optioned to change to ‘beguine’. One day later, on the 25th of October, she informed us about the agreement: it would be ‘beguine’! Local newspaper ‘De Gentenaar’ published about this decision an article one day later.

What happened?

At around mid-19th century a new wave, contrasting the Enlighment-ideas of science, facts and measurement, was born: romanticism. A social circle of elite members idealised nature and the past. They found beguinages and created this image of clean, sterile women cities with heavenly and peaceful beguines spending their days praying and speaking silently. The life at a beguinage at that specific time was the opposite: beguines worked hard, gave lesson to children and smart misstresses negotiated with bisschops and other powerfull figures.

Suiker-300x220

It was this wave of romanticism, represented by e.g.  Felix Timmermans at the end of the 19th and beginning of the 20th century, who described the beguines as ‘little beguines’. The women were reduced to figures of a folk tale, buried underneath a mass of sugar.

Which future do we want?

Begijnhofmuseum (3)

UNESCO-labeld World Heritage the beguinage of Dendermonde, room of the misstress, now a beguine museum. Foto copyright: Stedelijke Musea Dendermonde.

As we let you take an amount of sugar in your daily tea or coffee, we ask you to throw the pot of sugar away speaking about the beguines. Anyone, knowing something about those remarkable women finding an indepentent life and writing the oldest religious texts in their local language, and noticing 13 beguinages as UNESCO-World Heritage, calls them ‘beguines’, honouring their unique heritage.

P1070821

UNESCO-labeled World Heritage beguinage of Turnhout. Foto D. Van Linden.

Thank you to: all people who signed the petition, those who shared the petition on social media, those who encouraged us, … thank you to member of the Council of Ghent, Karlijn Deene and all supporting members.

Thank you to Cécile Van Ooteghem en Bart Stevens, beguinage of Sint-Amandsberg.

Copyright tekst/text: Debby Van Linden.

 

Advertisements

Begijnenmusea in de kijker (2): begijnhofmuseum Dendermonde – Beguine museum in the spotlight: beguine chambers at the beguinage of Dendermonde

(English: see below)

Na het Belevingscentrum op het begijnhof van Kortrijk, maken we een sprong richting Oost-Vlaanderen: het begijnhof van Dendermonde. Het leven van de begijnen in de laatste periode van hun bestaan wordt over twee plaatsen op het hof verdeeld.

Van vroeger tot nu: achtergrond en visie

Op het Dendermondse hof werd, na het overlijden van de laatste begijn in 1975, beslist de herinnering aan de begijnen te bewaren. Twee huizen werden uitgekozen om een accuraat beeld van het dagelijks leven van de vrouwen in de 19e en 20e eeuw weer te geven: huizen nummers 11 en 25 werden in 1981 voor het publiek opengesteld. Daaropvolgend opende in de aanpalende infirmerie van het voormalige huis van de Grootjuffrouw het Museum voor Volkskunde: een deel hiervan betreft ook stukken die het begijnenwezen aangeven.

Op bezoek

In het huis met nummer 11 vinden we een reconstructie van het begijnenleven van de meest recente periode terug: de keuken, slaapkamer en voutekamer* tonen zich. Zo krijgen we een beeld van de taken en dagindeling van een begijn.

Begijnhofmuseum (1)

Begijnenhuis nummer 11.

Huis met nummer 25 was de voormalige woning van de laatste grootjuffrouw : hier zien we de kleine en grote ontvangstkamer. De grote kamer voorziet ruimte  om te kunnen tafelen met belangrijke gasten bij uitzonderlijke gelegenheden. De toonkasten stellen relevante begijnhoofse documenten centraal: o.a. de statuten van 1852 en renteboeken.

Begijnhofmuseum (3)

Grote ontvangstkamer.

De kleine kamer toont ons de bibliotheek- en archiefkast van de grootjuffrouw. Aanpalend treffen we nog een authentieke keuken in de oude infirmerie, nu het Museum voor Volkskunde.

Begijnhofmuseum (4)

Kleine ontvangstkamer.

Praktisch:

De begijnenhuizen en het Museum voor Volkskunde zijn vanaf april tot eind oktober te bezoeken van dinsdag tot zondag van 9u30 tot 18u.

*Voutekamer of ‘opkamer’: een verhoogde kamer die met een trapje te bereiken is. Eronder ligt meestal een kelder. Voutekamers kunnen bergplaats, slaapkamer of bijkamer als functie hebben.

Met dank aan mevrouw R. Stuer- Stedelijke musea Dendermonde

(English)

After a visit at the Experience Center at Kortrijk, we jump to the East side of Flanders: the beguinage of Dendermonde. The life of the beguines is shown here in two houses on the beguinage.

Fron the early days till now: background and vision

After the dead of the last beguine on the beguinage of Dendermonde in 1975, the decision to keep the beguines in memory was ready to be realized. Two houses were renovated and arranged to show the life of the women during the 19th and 20th century. House ‘number 11’ and ‘number 25’ opened their doors in 1983. Following this pattern the Museum of Folk was installed in the same year: this house was once the hospital of the beguinage and shows us ome pieces of the beguine life.

A vist 

A close view of house numer 11shows us a reconstruction of the beguine life: kitchen, sleeping room and storing place. This house gives us an example of the tasks and daily life of a beguine.

Begijnhofmuseum (1)

Beguine house number 11.

The big house at number 25 was once the house of the mistress and partly a hospital: here we enter a small and large meeting room. On some occasions important guests were invited to dinner with the leading lady of the beguinage. Relevant documents are shown through glass, e.g. the written statutes of 1852 and some accountancy books.

Begijnhofmuseum (3)

Large meeting room

In the small meeting room we can see the library of the mistress, here she kept all documents and books in a large closet. In the old hospital of the beguinage we find an authentic beguine kitchen, the rest of the house resides the Museum of Folk where the life of lay people in the 19th and 20th century is explained.

Begijnhofmuseum (4)

Visiting information:

Open from April till the end of October from Tuesday till Sunday  from 9.30 till 6 o’clock.

Thanks to R. Stuer- Stedelijke musea Dendermonde

© Debby Van Linden

Begijnenkracht op ‘Erfgoeddag 2016’

erfgoeddag+2016header

Komende zaterdag en zondag, 23 en 24 april, is het Erfgoedweekend: ‘rituelen’ vormen het hoofdthema van deze dag. Begijnhovenqueeste zet hierbij graag de activiteiten die de begijnen rechtstreeks aangaan in de kijker. Verschillende hoven zetten hun beste beentje voor om de begijnen en hun erfgoed de verdiende aandacht te geven. Dit kan ik enkel aanmoedigen.

WEST-VLAANDEREN

Sint-Elizabeth begijnhof Kortrijk

‘Liederen van Hadewijch en kazuifels als illustratie van begijnhoofse rituelen’

s200_veerle.fraeters

Hoogleraar V. Fraeters

Zondag 24 april om 11u: lezing door Veerle Fraeters, hoogleraar gespecialiseerd in de visionaire traditie, voor vrouwelijke auteurs en voor het œuvre van mystica, over begijn Hadewijch – deze 13-eeuwse mystica heeft ons geschriften om ‘u’ tegen te zeggen nagelaten. Tijdens deze lezing komt u alles te weten over deze ‘zeer straffe’, bezielde begijn.

Waar? Sint-Annazaal (tevens Belevingscentrum) op het begijnhof.

Erfgoed 2016 banner digitaal-01

Om 12u, 14u30 en 16u liedrecital door Roel Vansevenant. Doorlopend tentoonstelling over de kazuifels (t.e.m. 1 mei).

Waar? Sint-Annazaal (tevens Belevingscentrum) op het begijnhof.

Meer informatie treft u op de website ‘Erfgoeddag 2016 Sint-Elisabethbegijnhof Kortrijk‘.

OOST-VLAANDEREN

Groot begijnhof Sint-Elizabeth Sint-Amandsberg

‘Kleding en steding, kerken en werken’

12365956_1704305056466893_7647778381066311951_o

Zondag 24 april: tentoonstelling. Kom te weten hoe de intrede van een begijn precies in haar werk ging. Met de ‘kleding’, het ontvangen van het habijt, en de ‘steding’, het afleggen van geloften om lid te worden van de begijnengemeenschap. ‘Kerken en werken’ geeft het ritme aan van een dag in het leven van een begijn en je ziet hoe processies en verkiezingen verliepen.

Tijdstip en plaats? Doorlopend, begijnhofkerk Sint-Amandsberg.

Concert in de begijnhofkerk van 11:00 tot 11:45 uur.
Vokaal ensemble DUDOKA brengt liederen die gecomponeerd zijn voor rituelen in de liturgie of daarbuiten.

Sint-Alexiusbegijnhof Dendermonde

‘Hof van (h)Eden’

Zaterdag 23 april 2016 om 9u30 zal het kinderboek ‘De zilverschat van het begijnhof’ feestelijk worden voorgesteld in de begijnhofkerk. De hoofdrollen zijn voor katten die, tijdens hun negen levens, de geschiedenis van het begijnhof vertellen.

14.00u-18.00u: ‘De zilverschat van het begijnhof’ – spel in zoektochtvorm (doorlopend): Kinderen dienen samen met hun ouders een code te kraken die leidt naar de zilverschat van de laatste grootjuffrouw.

zilverschatgrootjuffrouw

copyright: Stedelijke Musea Dendermonde

Bezichtiging: de zilverschat zal voor deze gelegenheid uitzonderlijk te bewonderen zijn in het Begijnhofmuseum (9.30-12.30 u. en 13.30-18 u.).

Waar? Begijnhofkerk en Museum voor Volkskunde Dendermonde (begijnhof 24-25)

BRABANT

Groot Begijnhof Ten Hove Leuven

‘Op stap met een begijn’

‘Dansen is onze regel niet’: was het leven van een begijn zo streng geregeld dat er geen plaats was voor plezier? De regels van het hof bepaalden het dagelijks leven en gedrag van de begijnen, doch vele rituelen gaven aanleiding tot uitbundige feesten.

Begijnhof_IMG_4514 (1)

Kruip in de huid van een kandidaat-begijn en laat je rondleiden. Kom bv. alles te weten over Apollonia, één van de favoriete heiligen op het hof. Een begijn wacht je op aan de ingang van haar hof en vertelt je alles over de kleine en grote rituelen in haar leven.

Zondag 24 april: gidswandeling om 15u en 17u doorheen het Leuvense hof, vertrekkende aan de poort van de Schapenstraat.

BRUSSEL

Begijnhof Anderlecht

Rondleidingen in het begijnhof

anderlechtbegijnhof

Wist u dat Anderlecht het kleinste begijnhof van België herbergt? Het smalle pad dat naar het begijnhof leidt, verleent dit voormalige toevluchtsoord voor acht begijnen nog meer intimiteit. Welke erfenis hebben de begijnen achtergelaten en wat is de relevantie van hun ideeëngoed vandaag ? Je komt het tijdens deze rondleiding te weten.

Zondag 24 april: rondleiding om 14u en 16u, vertrekkende vanuit het Erasmushuis (Kapittelstraat 31) – Nederlands gesproken.

Alle andere begijnhoven zijn natuurlijk steeds open voor bezoek.

© Debby Van Linden

Deze informatie werd met zorg samengesteld na contact met de verschillende diensten, musea en begijnhoven. Eventuele fouten graag doormailen via begijnhovenqueeste@gmail.com.

 

Ode aan acht eeuwen unieke geschiedenis – Honouring eight centuries of beguine past

(in English: see below)

Vandaag precies drie jaar geleden kwam er een einde aan een uniek stuk geschiedenis: het overlijden van Marcella Pattyn maakte een einde aan bijna acht eeuwen begijnenbeweging. Dit bericht was wereldnieuws en verscheen in het gerenomeerde Engelse blad ‘The Economist’.

Een terugblik op hun ontstaan en Marcella als laatste…

Het begin…

De begijnenbeweging ontstond in een Middeleeuws klimaat van veranderingen op vele vlakken: het kerkelijk beleid werd in vraag gesteld, steden kwamen op,… In zowat heel West-Europa waaide een nieuw, religieus elan: een apostolisch leven leiden – zorg voor anderen stond hierin centraal. Op vele plaatsen besloten vrouwen en mannen, alleen of in groep, een nieuwe identiteit te vormen: niet naar het klooster te gaan, wel religieus te leven. ‘De derde weg‘ als manier om in het leven te staan en tegelijkertijd spiritualiteit een belangrijke plaats toe te kennen rees op: de begijnen en begaarden waren geboren. Begijn zijn had een aantal grote voordelen: in eigen onderhoud kunnen voorzien en een eigen identiteit behouden. Voorts konden zij, uitgesloten van de universiteit, hun geschriften verdelen en bekend maken – een unieke vrouwenspiritualiteit en een nieuw literair genre, schrijven over religie in de volkstaal, zag het licht!

P1050242

Op pauselijk niveau kreeg men het echter ferm benauwd: de begaarden en begijnen werden ‘ketters’ verklaart en moesten verdwijnen. De invloed van een paar hooggeplaatste figuren heeft de begijnen in de toenmalige Lage Landen ‘gered’: indien ze zich zouden groeperen*, konden ze overleven. De begijnhoven of ‘vrouwensteden’, waarvan er momenteel 13 door de UNESCO erkend zijn als werelderfgoed, werden een feit…

P1070476

Het begijnhof van Hoogstraten.

De spiritualiteit, de organisatie, de invloed van geschiedkundige gebeurtenissen,… lieten hun sporen na in de vormgeving van de beweging, hun unieke levensstijl als onafhankelijke vrouwen met een eigen identiteit bleef… achthonderd jaar lang!

De laatste…

Marcella Pattyn, laatste begijn van een 800-jarige beweging van eigenzinnige vrouwen.

Marcella Pattyn, laatste begijn van een 800-jarige beweging van eigenzinnige vrouwen.

Marcella Pattyn (Thysville 1920 – Kortrijk 2013) werd geboren als ‘Marcelle’ in het voormalig Belgisch Kongo. Vanwege haar blindheid (ze kon nog wel felle kleuren onderscheiden) volgt ze les te Brussel bij het Institut des Aveugles. Het is op deze school van Zusters van Liefde dat Marcella voelt gehoor te willen geven aan haar religieuze roeping. Marcella stelde zich kandidate bij verschillende kloosters, doch telkens werd ze afgewezen vanwege haar blindheid. Haar immens verdriet lost op als ze via haar tantes hoort over ‘begijnen’: vrouwen die religieus leefden en toch het hof konden verlaten om hun eigen inkomen te verdienen. Door bemiddeling van haar tante werd Marcella in 1941 ingeschreven op het groot begijnhof van Sint-Amandsberg om een jaar later geprofest te worden. Na net geen 20 jaar op het Sint-Amandsbergse hof verhuisde ze naar het Kortrijkse begijnhof om er mee de Katholieke Vereniging van Zieken (KVZ) te stichten. In 1985 ging haar gezondheid stilaan achteruit en gaf ze haar bestuursfunctie over aan anderen. Ze bleef echter betrokken door zelfgebreide poppetjes te verkopen aan toeristen ten voordele van haar ziekenwerk. De laatste periode van zorgbehoevendheid verbleef ze in het St.-Jozefrusthuis in de Groeninghestad. Op 90-jarige leeftijd verscheen Marcella in ‘Villa Vanthilt’ (uitzending van 17 augustus 2010).

Een jaar later, tegelijkertijd 70 jaar begijnenleven achter de rug, kreeg ze een eerbetoon van toenmalig burgemeester De Clerck. Marcella was zelf opgetogen over het bezoek van koningin Paola in 2002, over het eerbetoon van de burgemeester was ze minder positief. In haar bijzijn werd tevens haar standbeeld ingehuldigd, nu prijkend op het begijnhof tegenover de Sint-Annazaal.

P1040175

Beeld van Marcella Pattyn – begijnhof Kortrijk.

Op 14 april 2013 deed ‘Marcelle’ de deur van een uniek stuk vrouwenkracht dicht…

© Debby Van Linden

*lees: ‘institutionaliseren’

Today, exactly three years ago, was the end a unique piece of herstory: the dead of Marcella Pattyn made an end to eight centuries of beguine movement. This fact became world news and the English newspaper ‘The Economist’ published an article about the end of eight centuries of herstory.

Let’s take a look at their roots and Marella as the last beguine…

The beginning…

The beguine movement rooted during the Middle Ages, a period of changes on different levels: church politics were questioned, the first cities rised,… Throughout the west of Europe a new way of living a religious life begun to flow: people wanted to live an apolostic life with ‘care for others’ as a central theme. Many decided, alone or in group, to follow this new path: not to enter a monastery, not to marry but to live a religious life. ‘The third road‘ as life style to work live spiritualitual was rising: the beguines and begghards ware born. To be a beguine had many advantages: to work for own money and to develop end keep an own identity. Because they were excluded from university as women, they installed a new literary genre: to write into the vernacular – a unique women spirituality made her entrance!

P1050242

On papal level their movement was seen negative and threatening to the churches power: the beguines and begghards got the statement of ‘heretics’ and had to disappear. Because of the influence of some clerics, the beguines of the Low Countries could stay: if they would group together*, they would survive. This declaration ment the beginning of the raise of the beguinages or ‘women cities’: thirteen of them are now UNESCO-world heritage.

P1070476

Het begijnhof van Hoogstraten.

Their spirituality, their organisation, wars,… all left their traces on the composition of the movement. Their unique life style as independent women with their own identity nevertheless stayed… for eighthunderd years!

The last one…

Marcella Pattyn, laatste begijn van een 800-jarige beweging van eigenzinnige vrouwen.

Marcella Pattyn, last beguine of a movement of eight centuries of independent women.

Marcella Pattyn (Thysville 1920 – Kortrijk 2013) was born as ‘Marcelle’ in former Belguim Kongo. Because of her blindness, she follows lesson at ‘Institut des Aveugles’ in Brussels. It’s on this school of ‘Sisters of Love’ she feels to want to follow her religious calling. She contact a whole set of manasteries, but it rejected to become a nun bacause of her blindness. Her tremendous sadness disappears as she hears from her aunt about ‘the beguines’: women who lived religious and still could leave the beguinage to work.

Again through her aunts intervention she moved to one of the biggest beguinages: in 1941 she lives in the women city of Sint-Amandsberg. A year later her profession is a fact. After about 20 years she moves to the beguinage of Kortrijk to help develop a catholic society for sick people (KVZ). Her health becomes weaker in 1985 and Marcella decides to leave her position. Eventually she kept knitting little puppets and sold them to tourist to gather money for her organisation. During the last period of her life she recieved care in the nursing home of Saint-Jozef. When she was 90 years old, she was a guest on the Flemish television programme ‘Villa Vanthilt’on 17th of August 2010.

One year later, and 70 years of beguine life, she recieved an hommage of mayor De Clerck. She kept good memories on a visit of Queen Paola in 2002, about the attitude of the major she spoke in negative terms. In her presence her statue was placed on the beguinage right across the Experience Center.

P1040175

Statue of Marcella Pattyn – beguinage of Kortrijk.

On the 14th of April 2013 , ‘Marcelle’ closed the door of a unique piece of 800 years of women vigour

© Debby Van Linden

*read: ‘to institutionalize’

Bronnen/Sources:

Bouckaert, C. (2000). De laatste der begijnen. Uitgeverij Groeninghe, Kortrijk.

artikel/article: ‘Marcella Pattyn‘ in ‘The Economist’ op 27 april 2013.

artikel/article: ‘La ultima beguina, Marcella Pattyn‘ door Sandra Ferrer – blog ‘Mujeres en la historia’- dd. 19 april 2013.

Notities ‘Kortrijkse begijnendag’ kortfilm M. Pattyn, dd. 28 maart 2016. – Notes taken during the short movie about M. Pattyn at her Rememberance Day at the beguinage of Kortrijk, dd. 28th of March 2016.

De begijn en de theoloog: een andere kijk op ‘Compilatio singularis exemplorum’ – The beguine and the cleric: another view on ‘Compilatio singularis exemplorum’

(English: see below)

De ‘Compilatio singularis exemplorum‘, een opgeschreven dialoog tussen een begijn en een Parijse theoloog in de dertiende eeuw, wordt vaak aangehaald als een voorbeeld van ‘begijnenwijsheid’, een wijsheid die door de aangehaalde theoloog niet begrepen werd en vijandigheid opriep. De dialoog tussen deze vrouw en man wordt vaak bekeken als een concurrerende dialoog. Hier leg ik graag een andere interpretatie voor.

Het betreffende fragment, neergeschreven door een theoloog uit Frankrijk, geeft het antwoord van een begijn weer nadat hij haar ‘koppige’ houding berispt.

‘Jij spreekt, wij handelen

Jij leert, wij begrijpen

Jij onderzoekt, wij kiezen

Jij kauwt, wij slikken

Jij onderhandelt, wij kopen

Jij gloeit, wij staan in brand

Jij veronderstelt, wij weten

Jij vraagt, wij nemen

Jij zoekt, wij vinden

Jij hebt lief, wij smachten

Jij wacht, wij sterven

Jij zaait, wij maaien

Jij werkt, wij rusten

Jij wordt dun, wij worden dik

Jij klinkt, wij zingen

Jij zingt, wij dansen

Jij bloeit, wij dragen vrucht

Jij proeft, wij smaken’

Deze tekst wordt geïnterpreteerd als een dialoog van tegenstellingen waarin twee types van kennis tot uiting komen, gekoppeld aan het geslacht van betreffende personen: de rationele, geleerde woorden van de man en de intuïtieve kennis van de vrouw. Hierop volgt dan de veronderstelling dat de begijn (‘wij’) door middel van haar antwoord pretendeert ‘het beter te weten’ en het huis van de rede hiermee aan te vallen. Hierbij heb ik me de vragen gesteld: was de begijnenspiritualiteit aanvallend bedoeld of werd deze als zo aanzien? Hoe werd een uitgebreid antwoord van een vrouw op een hoger in sociale rang staande man bekeken? En getuigt de dialoog van tegenstellingen?

Voorbij het dualisme

Indien we de begijnenspiritualiteit van nabij bekijken, vinden we één overkoepelend kenmerk steeds terug: éénheid. ‘Werken is bidden en bidden is werken’ toont dit helder aan. Ook in hun contacten met de hen omringende maatschappij waren zij duidelijk: wij zijn niet tegen dit systeem, wij kiezen wel voor een eigen levensinvulling – waarbij letterlijk de poort naar een huwelijk of kloosterintrede open stond.

heart01-200x300

Hun levensstijl en handelen stonden in het teken van de weg van het hart: éénheid van verstand en buikgevoel, van lichaam en geest, kortweg bezieling. Het antwoord van de begijn getuigt mijns inziens van spreken vanuit het hart, waarbij tegenstellingen en dualisme worden opgeheven. Hierbij is geen vergelijking van ‘beter(e kennis)’ versus ‘slechter(e kennis)’ en ‘mannelijke’ versus ‘vrouwelijke’ kennis mogelijk: wijsheid van en vanuit het hart behoeft geen hiërarchie, geslacht of gender, kan er gewoon zijn. Het durven uitspreken van deze woorden lijkt me eerder een mooie poging van de begijn om, op een speelse en verrassende manier, de opmerking van de theoloog te overstijgen. Zij poogt zich niet te gaan verdedigen of verontschuldigen, maar kiest voor ‘de derde weg’: deze van het hart. Deze weg gaande werd door de (kerkelijke) autoriteiten als ‘ketters’ en ‘ongehoorzaam’ bestempeld aangezien men geen vat kreeg op hen. Hierbij stel ik me de vraag: gaf net dit controleverlies bij de heer in kwestie een gevoel van onmacht waarbij hij de begijn bestempelde als ‘pretentieus’ en ‘arrogant’?

En de wijze vrouw/begijn? Die ging haar eigen weg

© Debby Van Linden

Bronnen:

Simons, W. Cities of ladies. University of Pennsylvania Press, Philadelphia, 2001.

Compilatio singularis exemplorum‘-tekst in Sint-Annazaal/belevingscentrum begijnhof Kortrijk.

The written dialog called ‘Compilatio singularis exemplorum’, is a unique piece of work: this 13th century manuscript gives us an insight in the wisdom of the beguines of that time. The text was written by a Paris cleric and is often described as an example of ‘beguine wisdom’ – a wisdom that was not understood by the cleric who wrote it down and who felt emnity to the beguine. This text is often viewed as a competitive dialog. I wish to take another look at that…

This dialog is the respons of a beguine after the cleric points to her ‘dismissive’ attitude. The beguine responds by saying:

‘You talk, we act

You learn, we seize

You inspect, we choose

You chew, we swallow

You bargain, we buy

You glow, we take fire

You assume, we know

You ask, we take

You search, we find

You love, we languish

You languish, we die

You sow, we reap

You work, we rest

You grow thin, we grow fat

You ring, we sing

You sing, we dance

You blossom, we bear fruit

You taste, we savor’

Now this fragment is seen as a dialog of opposites of two kinds of knowlegde, also connected with the genders: the rational, educated words of the man and the intuïtive knowledge of the woman. Then follows the suggestion that the beguine (‘we’) pretends to ‘know better’, hereby attacking the house of reason.

I asked myself: was the spirituality of the beguines ment to attack or was it seen like that by the church? How did a man of a high social position react to a statement of a woman? And is this dialog really ment as reproduction of contradictions?

Beyond dualism

If we take a closer look at the beguine spirituality, we find one characteristic coming back: oneness. ‘Working is praying and praying is working’ shows this clearly. Also in their contacts with society they took a stand: they were not against this system, they choose their own life fullfilment – the gate to a marriage or a monastry was always open.

heart01-200x300

Their life and actions were all centered around the road of the heart: oneness of reason and intuïtion, of body and mind, in short ‘spirited living’. The answer of the beguine to me shows this speaking from the heart: contradictions and dualism are lifted. There’s no comparison possible between what kind of knowledge is ‘better’, between ‘male’ and ‘female’ knowledge: wisdom of the heart has no need of hierarchy or gender, it just is. Daring to speak those words, it seems to me, was a beautiful effort coming from the beguine to show this way of the heart to the cleric: she did this in a playfull and surprising way. She soesn’t apologise or defend herself, she chose ‘the third road’: that one of the heart. Now, this was seen by church authorities as ‘heretic’ and ‘disobiedient’ because they couldn’t control the beguines. I was asking myself: was it this loss of control, felt by the cleric, that made him characterize the beguine as ‘arrogant’ and ‘overblown’?

And the wise woman/beguine? She went her own way

© Debby Van Linden

Sources:

Simons, W. Cities of ladies. University of Pennsylvania Press, Philadelphia, 2001.

Compilatio singularis exemplorum‘-text in the Experience Center of the beguinage of Kortrijk.

Ssst… nog even geduld… – Sstt… something is almost ready to be born…

(English: see below)

De afgelopen weken werd er achter de schermen hard gewerkt: organiseren, reorganiseren, instuderen, mensen samenbrengen, nadenken en uitwerken, afspraken maken,… en dit allemaal op en met het erfgoed van de wijze vrouwen, begijnen genaamd, op de voorgrond en in het achterhoofd.

Dit project gaat over de wijze vrouwen, begijnen genaamd, en u kan er deel van uitmaken!

Enkele sfeerbeelden….

BWV IMG 0606

BWV IMG 0567 LR

BWV IMG 0695

Binnenkort meer…

© tekst: Debby Van Linden – © foto’s: W. Vandamme

The past weeks have been a period of hard work: organizing, reorganizing, bringing people together, … all with the beguines as a central theme.

This project is all about the wise women called beguines and you can be part of it!

A few teasers…

BWV IMG 0606

BWV IMG 0567 LR

BWV IMG 0695

 

Soon more…

© pictures: Wim Vandamme – © text: Debby Van Linden

‘De geliefde’ in drievoud – ‘The beloved’: three views

(In English: see below)

De begijnenbeweging en haar spiritualiteit laat een gloeiend landschap van 800 jaar geschiedenis zien. Doorheen hun levenskeuze en geschriften neemt ‘liefde’ een centrale plaats in. Over deze ‘liefde’, gebaseerd op de bijbelse liefdestekst ‘het Hooglied’*, zet ik drie visies uiteen.

In hun mystiek-religieuze teksten refereren de wijze vrouwen, genaamd ‘begijnen’ vaak naar ‘de Geliefde’. Deze geliefde wordt onder verschillende benamingen vernoemd en benoemd: elke vrouw gaf op haar eigen wijze woord(en) aan deze geliefde. Hun taal is rijk en divers en leent zich voor verschillende interpretaties. Wie of wat was deze (Ge)liefde waar ze telkens naar refereerden? En zou het wel een ‘hij’ geweest zijn?

Een ‘klassieke’ interpretatie die in vele werken terugkomt, spitst zich toe op ‘de bruiden van christus‘: begijnen zouden een mystiek huwelijk met christus aangaan, hij wordt ‘de Geliefde’ genoemd. De eucharistie vormt hét moment van samenzijn met de gesublimeerde, goddelijke minnaar. Tijdens de laatste periode van de begijnenbeweging wordt dit ‘huwelijk’ ook in een fysiek ritueel gegoten: in bruidskledij legt een vrouw de beloften af tot begijn en wordt vervolgens ‘gekleed en gesteed’. De nadruk ligt op het ‘samen gaan’, het verlangen blijft.

hooglied

Traditionele afbeelding van het Hooglied in de Middeleeuwen – de hoofse liefde als ideaal.

Als we de woorden voor ‘god’ als geliefde in de werken van een aantal (Middeleeuwse) begijnen van naderbij bekijken, krijgen we een ander plaatje: het goddelijke krijgt zowel de namen ‘de Geliefde’ als ‘Lief’ als ‘Liefde’, m.a.w. ‘bruid’, ‘bruidegom’ en ‘liefde’ worden één. Dit lijkt verwarrend, doch wordt duidelijk indien we weten dat in hun geschriften éénwording van de ziel met het goddelijke centraal staat. De ziel als bruid legt een weg af naar de goddelijke bruidegom en smelt tenslotte samen tot ‘liefde’ zelf. Het verschil tussen ‘Lief’, ‘Geliefde’ en ‘het Goddelijke’ wordt hiermee opgeheven en éénwording is een feit. Samensmelting staat centraal, het verlangen verdwijnt uiteindelijk.

freedom

Als derde visie nemen we de geschriften van begijn Hadewijch (specifiek ‘Oerewoet’) bij de hand: ‘minne‘ verwijst bij haar zowel naar een mannelijk als naar een vrouwelijk personage als naar de liefde zelf – zowel naar ‘jonkvrouw’ als naar ‘meester’ als naar ‘de natuur van de liefde’. In plaats van deze ‘minne’ op de net besproken religieus abstracte manieren te bekijken, maak ik plaats voor een derde, verfrissende visie**. Wat als ‘minne’ nu eens de bevrijding uitdrukt waarnaar de vrouw zo hartstochtelijk smachtte en tenslotte, tot haar extase, door haar levenskeuze als begijn bekomt? ‘Oh, gij, lief, geliefde, liefste, mijn beminde vrijheid, …’

© Debby Van Linden

*Het Hooglied of ‘Lied der Liederen’ is een tweespraak tussen geliefden, erotisch en hartstochtelijk geladen – hunkering en liefde staan centraal. De tekst wordt op kerkelijk niveau als de relatie tussen christus en de kerk en tussen de ziel en het goddelijke geïnterpreteerd.

**visie geponeerd door R.M. Wakefield – fragment:

‘Ay ic woede in moede mit spoede
Na tgoede dat ic der minnen volsi
Ay in woet zijn vroet dats spoet
Ja in woet van minnen vri

Bronnen:

Swan, L. The wisdom of the beguines. BleuBridge, 2014.

Wakefield, R.M. The beguine sisters. Canadian Journal of Nederlandic Studies, nummer 3, 1981, pp. 67-70.

The beguine movement and her spirituality show us a marvellous landscape of 800 years of herstory. A central theme in their writings and life choice is ‘love’. Based on the ‘Song of Songs, a love theme from the bible, I wil put three interpretations on the beguines ‘love’ forward.

In their mystic-religious texts the wise women called beguines refer often to ‘th Beloved’. This beloved gets different names and meanings: every beguine claimed her own word use. Their language is full of richness and can be interpretated in different ways. Who or what was this (Be)love(d)? And was it a ‘he’?

A classic view, refered to in many books, lets us know that beguines were called ‘brides of christ‘: in their mystic marriage with christ he became ‘the Beloved’. In the ritual of the eucharist they came together with their sublimated lover. During the last period of the beguine movement this marriage was symbolized: dressed as a bride the women pronounced their promises and became a beguine.

hooglied

Traditional image of the ‘song of Songs’ in the Middele Ages – courtly love as an ideal.

The words the beguines used to express the Divine are divers. The beguines who lived during the Middle Ages show us something, at first sight, confusing: the Divine is named ‘Lover’, ‘the Beloved’ and ‘Love’. How can this be? It gets clear once we know that oneness was the central theme in their spirituality: the soul as lover makes it way to the Divine beloved and becomes Love. The difference between all of them ends as they melt into Love.

freedom

In a third view we take the writings of Hadewijch (specifically ‘Primeval Rage’) in our hands: with ‘minne’ she refers to both a feminime and masculine person and to love itself – ‘maiden’, ‘master’ an ‘the nature of love’. Instead of looking to those words in the abstract ways we did before, I make space for a third refreshing view**. What if ‘minne’ expressed the freedom this woman longs for so desperately and, finally reaching it in her beguine life, brings her to ecstacy? ‘Oh, you, lover, beloved, my freedom, my love…’

© Debby Van Linden

*The ‘Song of Songs’ is a erotic and passionate dialogue between lovers, love and yearning form the key elements. In the christian church this text is seen als the relation between christ and the churh and also between the soul and the Divine.

**interpretation by door R.M. Wakefield of

‘Oh, I rage in my spirit with haste. I pursue the goodness of love saturation.
Oh, to be wise in a rage, that is good;
Yes, it’s good to be free in a rage of love.’

Sources:

Swan, L. The wisdom of the beguines. BleuBridge, 2014.

Wakefield, R.M. The beguine sisters. Canadian Journal of Nederlandic Studies, volume 3, 1981, pp. 67-70.