Een nieuwe start…

Omdat het begijnenerfgoed me blijft verwonderen en intrigeren, omdat er nog zoveel over en rondom hen te lezen en te kennen valt, omdat ik het gewoonweg niet kan laten en om nog zoveel meer redenen pak ik de (blog)pen terug op. De nieuwe wending van begijnhovenqueeste wordt: maandelijks één tot twee stukjes waarbij zowel begijnhoofse (her)bezoeken als meer kennisgerichte onderwerpen over of in verband met ‘mijn wijze madammen’ aan bod komen.

schrijvenpen

Het recept voor deze frisse start betreft:

Een bodem van:

bezieling, intuïtie en authenticiteit 

Een beslag bestaande uit:

-drie eetlepels leergierig boeken lezen

-een afgestreken theelepel kritische zin

-20 cl begijnhoofse stilte

-een klontje mystieke interesse

-vier gesneden blokjes eigenzinnige vrouwenkracht(verhalen)

-een zelf te bepalen hoeveelheid begijnhofbezoeken

 Afgewerkt met:

– een vleugje humor

-een snuifje introspectie

– een rijke hoeveelheid eerbetoon

– en heel veel liefde…

© Debby Van Linden

Advertisements

Een nieuw hoofdstuk…

De tocht langs alle begijnhoven is ten einde, de passie voor de vrouwensteden en de begijnen blijft: begijnhovenqueeste blijft schrijven!

archief

Daar waar de queeste een ommekeer betekende en een eerste kennismaking vormde met dit vrouwenerfgoed, wil ik mij meer gaan verdiepen in deze geschiedenis – wat hebben de begijnen geschreven en wat herbergt zich in de archieven? Tussendoor kan ik het niet laten de hoven zelf te bezoeken: de winterse verlichting, restauraties en andere gebeurenissen wil ik blijven volgen. Alvorens hieraan te beginnen, gaat begijnhovenqueeste genieten van een deugddoende vakantie: tot in augustus!

© Debby Van Linden

De queeste: een terugblik (1): de persoonlijke weg

‘Queeste’: ik kende het woord en haar betekenis niet en kon me vroeger ook niet voorstellen waarom mensen een ‘pelgrimsweg’ aanvingen… tot ik, het toen nog niet beseffende, zelf op zoektocht was. De ‘dansende madammen’ te Mechelen, de intieme sfeer op het begijnhof te Antwerpen en de representatie van het goddellijk vrouwelijke in de begijnhofkerk daar lieten mij het begin zien van een groot puzzelstuk waar ik al 20 jaar op zoek naar was: erf-goed, identiteit en kracht als vrouw. Mijn queeste vormde een intense periode van verandering die, hoe onbekend het pad me ook voorkwam, telkens ‘juist‘ aanvoelde.

De begijnhofpoort van Leuven doorgaande, een nieuwe vrouwenstad ontdekkende.

De begijnhofpoort van Leuven doorgaande, een nieuwe vrouwenstad ontdekkende.

In een maatschappij levende waarin ‘de man’ als norm wordt gesteld, vond ik een anker en gronding in het begijnenwezen en hun herstory. Alsof ik een inhaalbeweging uitvoerde, slorpte ik begijnengeschiedenis en hofbezoeken op:

  • elke begijnhofpoort vormde een nieuwe fase in mijn queesteproces, een nieuwe wereld, een verdere stap op het vrouwelijk pad, elke keer of ‘thuiskomen’ of aangedaan zijn door het ontbreken van zorg voor het begijnenerfgoed.
Begijnhof Turnhout: Een belangrijk keerpunt op mijn queeste: kijkend naar haar beeld in de nis laat ik de bekende verhalen over Maria los om plaats te maken voor haar eigen verhaal - Herstory.

Begijnhof Turnhout: Een belangrijk keerpunt op mijn queeste: kijkend naar haar beeld in de nis laat ik de bekende verhalen over Maria los om plaats te maken voor haar eigen verhaal – Herstory.

  • elke geschiedkundige leugen (‘Maria Magdalena was een zondige vrouw.’ en ‘Begijntjes zijn brave nonnekes.’) of weggemoffelde interpretatie, elke ‘wonde’ vormde een spoor: Ik trok het thema uit het slijk, haalde de ‘zwartmakerij’ eraf en bestudeerde het grondig. Vervolgens reeg ik het, in een nieuw licht, aan mijn herstorische gordel.
  • mijn weg was in elke opzicht menselijk: momenten van gefrustreerd wroeten, hardnekkig wringen, blijvend lijkende vraagtekens en kwaad vastzitten, wisselden zich af met gelukzalige blijdschap, onverwachte ontroering en pure verwondering: steeds met bezieling, soms met rozengeur en met een nieuwe blik op ‘maneschijn’
  • ik verbaasde me over ‘begijnenkracht’: een eigen beweging uit de grond stampen, acht eeuwen bestaan – doorheen oorlogen, invasies, politieke beslissingen en beschuldigingen van ‘ketterij’ – en een unieke vrouwenspiritualiteit (blijven) vorm geven: wauw, verdomd straffe prestatie!
  • mijn interesses veranderden of kregen een ander perspectief: geschiedenis boeide me, mijn liefde voor antropologie bloeide weer op, ik nam lessen oriëntaalse dans, ging naar een vrouwencircel, zocht de moederlijke stilte meer op en de tijd die ik in bibliotheken en al lezende doorbracht, verdrievoudigde zich.

Puur op intuïtie, met de hulp van een vriend aan mijn zijde en een hart  – dat steeds weer ‘Ga!‘ zei – volgende, vertrok ik op queeste… om zoveel tijd later in de spiegel te kijken en te beseffen dat ik altijd al ‘ketters’ ben geweest: dwars door alle conventies heen volgde ik mijn eigen weg (in studiekeuze en levensstijl), steeds met een gevoelig hart, een scherpe tong, (een) ijzeren wil(skracht), veel vragen en nog meer plantrekkerij. Ik keek nogmaals in de spiegel en zag mijn eerste zilveren haren en wijsheidslijnen verschijnen: eindelijk! Bij een derde en laatste blik wist ik ineens: ‘Ik ben ‘thuis.’

© Debby Van Linden

Ode aan…

Vanaf de start van mijn zoektocht was er altijd iemand bij me: mijn queestevriend. Samen een letterlijke weg doorheen Vlaanderen en Nederland afleggen en figuurlijk iemand zien zoeken, groeien en bloeien… daar bij kunnen blijven en een eigen plaats hierin vinden: het is niet iedereen gegeven. Wij hebben urenlang samen in de auto gezeten – al (mee)zingend, zwijgend, doorheen zonovergoten dagen en regenbuien – en talloze praktische zaken geregeld… en dit vijventwintig begijnhoven lang! Wij hebben gewandeld, gegeten, gepraat, gezwansd, gelachen en samen stil geweest. Iemand die je opvangt bij verdriet, rouw, ontdekkingen, stille momenten… iemand waarmee je lacht en een paar keer ‘ambras’ maakt, iemand die je kan zeggen ‘ik ben moe, neem het even over’… iemand die je ‘s nachts mag bellen en ook effectief opneemt als je dat doet. Iemand die aanvoelt: ‘Nu gaat ze de poort door, ik laat ze doen en blijf even op afstand.’ Dit alles is onbetaalbaar!

Ontkiemende_plant_a

Alhoewel deze persoon niet graag in het middelpunt van de belangstelling staat en anoniem wil blijven – en ik dit respecteer, wil ik toch dit blogstukje aan hem opdragen. Het takenpakket van ‘queestevriend’ is namelijk niet het makkelijkste: zowel op praktisch, intuïtief en emotioneel vlak vraagt het kracht, uithoudingsvermogen en een zeer grote portie geduld en flexibiliteit.

Bedankt om er altijd bij te zijn, om me te vragen Mechelen en het Antwerps begijnhof te verkennen, om ‘ja’ te zeggen tegen mijn voorstel alle vrouwensteden te bezoeken en hiermee samen in het onbekende te durven stappen, om boeken en tips aan te dragen, om ‘ambras’ te hebben -want je maakt enkel ruzie met iemand als je om hen geeft- om me op te vangen bij het overlijden van mijn grootmoeder, om zelf ook te wroeten, te zoeken en weer recht te staan… om me naar het zielsontbrekende stuk in mijn leven te brengen dat ik toen zo nodig had: krachtige en bezielde madammen, het goddelijk vrouwelijke, Maria als ‘de Vrouwe’ en naar steun, wilskracht en moed om te ‘gaan‘… op queeste naar mijn identiteit als vrouw: hart-elijk bedankt!

Begijnenerfgoed ‘in the picture’

Op queeste gaan, duiken in de geschriften van ‘mijn straffe madammen’, artikels schrijven, vertelwandelingen geven (met vaak mijn alter ego ‘Hadewijch’ aan mijn zijde) de hoven regelmatig herbezoeken (omdat ik het echt niet kan laten), archieven induiken, een contact hier en een contact daar… waarom het niet allemaal samenbrengen?

P1040643

Via de facebook-pagina van begijnhovenqueeste kan al het begijnennieuws verzameld worden én vormt het tegelijkertijd een eerbetoon aan alle madammen van, op en in deze herstorische geschiedenis! Like? Like!

De begijnhoventocht neergeschreven…

‘Het geschrevene’ blijft deel uitmaken van begijnhovenqueeste: voor het lentenummer van de Begijnhofkrant (nr. 47: pag. 12-13) van De vrienden van het begijnhof te Turnhout vzw schreef ik het artikel ‘Een zoektocht naar vrouwenkracht: het begijnenerfgoed als leidraad’. Leest u gerust mee (klik om te vergroten)…

Kleine versie 1 Kleine versie 2

Vrouwenerfgoed, erover schrijven, lezen, fragmenten laten sudderen,…het is en blijft ‘my cup of tea’!

Herstorisch Aalst: ontzielde glorie

Op de gronden van het Boudenaershof verenigden de begijnen zich rond 1260 om vier jaar later adellijke bekrachtiging door gravin Margaretha van Constantinopel te ontvangen. Op het hof werd vervolgens duchtig gebouwd: een infirmerie en kerk kwamen tot stand.

In de 16e eeuw werd bijna het hele begijnhof vernield door de Geuzen. Het stadsbestuur zorgde voor financiële middelen tot wederopbouw. Ook voor de Aalsterse begijnen betekende de 17e eeuw een grote bloeiperiode: het hof breidde uit en het begijnenaantal steeg. In de daaropvolgende eeuw zullen de Fransen de kerk innemen en als feestzaal gebruiken, zeer tegen de zin van de begijnen. Begin 19e eeuw herstelde de rust zich: de begijnen kregen hun kerk terug en het begijnenaantal steeg tot een tachtigtal. Deze periode was echter niet van lange duur: het hof werd in 1870 aangekocht door baron della Faille. Deze gaf de begijnen woonrecht tegen een hoge vergoeding.

De 20e eeuw betekende ontzieling en verval op alle vlakken: het hof werd aangekocht door de Maatschappij voor Goedkope Woningen die tussen 1952 en 1959 bijna alle huizen liet afbreken en vervangen door nieuwbouw. De vlakbijgelegen torens van de industriezone veroorzaken sterke geur-en lawaaihinder en ontzielen het uitzicht op het hof.

poortAA

foto uit de collectie van de familie Renneboog

De neogotische begijnhofpoort bestaat niet meer, nu rest slechts een doorgang tussen twee flatgebouwen. Aan de overhant van de voormalige poort treffen we de pastorie, tijdens ons bezoek te koop aangeboden. Links valt het groothuis op, een Mariabeeldje pronkt in de nis boven de toegangsdeur. Dit gebouw, samen met de huizen met nummers 41 en 42, zijn de enige overblijvende begijnhofhuizen.

P1050483

P1050479

P1050473

Centraal ligt de kapel, gewijd aan Sint-Antonius. Dit bedehuisje werd gebouwd op het graf van begijn Johanna Dedemaecker. Deze vrouw koos voor een leven van strenge ascese en matigheid. Door haar rotsvast geloof zou ze ziekte en pijn door middel van handopleging hebben kunnen genezen. Al deze eigenschappen leidden tot een groot ontzag bij haar zuster-begijnen wat zich uitte in de bouw van een eerbiedige plaats ter nagedachtenis.

P1050445

P1050454

De kerk, gewijd aan Sint-Catharina, begon men te bouwen in 1786 en werd niet lang voor de Franse inval voltooid. Het hoofdaltaar is afkomstig uit een ander bedehuis. Op het moment van ons bezoek werden hier restauaratiewerken uitgevoerd.